Zorg en Welzijn
26 juni 2015 | door: Ina van Beek, Expert huiselijk en seksueel geweld bij Movisie

Leer elkaar aanspreken op geweld

Als artsen het vermoeden hebben dat een patiënt thuis mishandeld wordt, vinden zij het lastig om het gesprek daarover aan te gaan. Schokkend, maar niets nieuws, stelt Ina van Beek van Movisie vast.

"Kijk naar elkaar om, we kunnen leren elkaar aan te spreken op geweld"

Artsen vinden het moeilijk om patiënten aan te spreken bij verdenkingen van huiselijk geweld. Dat liet BMC Advies deze week weten nadat zij ruim 1000 medici hadden ondervraagd. Schokkend, maar niets nieuws. We weten allang dat iedereen het moeilijk vindt. Maar we weten ook dat iedereen het kan leren.

 

Je hoort je buurvrouw rond etenstijd tegen haar kinderen tekeer gaan, elke dag weer. Of je ziet een patiënte met make-up de blauwe plekken in haar gezicht verhullen. Wat te doen? Spreek je jouw buurvrouw of patiënte aan? Deel je jouw zorgen? ‘Dat is toch privé? Ze blijft toch bij haar man.’ Dat hoor ik, als adviseur en trainer op het terrein van geweld in huiselijke kring, vaak als argument om het onbesproken te laten. Artsen laten mij vaak weten bang te zijn iemand vals te beschuldigen of de relatie tussen arts en patiënt te schaden. We hebben niet geleerd om erover te praten.

 

Afhankelijkheidsrelaties
Geweld stopt vaak niet vanzelf. Dat is een belangrijke reden om erover te praten. We spreken niet voor niets over geweld in afhankelijkheidsrelaties als we het hebben over kindermishandeling of huiselijk geweld. Kenmerkend van dit geweld is dat het slachtoffer afhankelijk is van de pleger. Denk aan relationele afhankelijkheid (zoals tussen ouders en kinderen en partners) maar ook aan economische afhankelijkheid en zorgafhankelijkheid.

 

Vermoedens
Geweld in huiselijke kring is juist hierdoor niet iets waar je gemakkelijk over praat. Dat blijkt ook uit onderzoek onder artsen naar de acties die zij ondernemen als zij een vermoeden hebben van geweld in huiselijke kring. Artsen vinden het lastig om bij signalen van kindermishandeling of huiselijk geweld het gesprek aan te gaan. Vaak geven slachtoffers wel signalen en merkt de omgeving iets. De patiënt is schrikachtig bij aanrakingen, de buurkinderen hebben een onverzorgd uiterlijk en vertrekken vaak te laat naar school. Maar artsen zijn ook mensen: ze vinden het moeilijk om hun vermoedens bespreekbaar te maken.

 

Meldcode
Nog een reden om erover te praten: sinds 2013 is het voor professionals in onderwijs, zorg en welzijn een wettelijke plicht te handelen volgens een meldcode als er vermoedens zijn van geweld. Van de huisarts of leerkracht wordt verwacht dat zij met patiënten of ouders de zorgen bespreken, zo nodig hulp inschakelen of een melding doen bij Veilig Thuis, het Advies en Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling.

 

Waarom niet?
Er zijn legio redenen om niets te doen bij vermoedens van geweld. We zijn het niet gewend, het is soms zelfs eng. Het is taboe elkaar aan te spreken op de omgang met de kinderen. Het is schaamtevol te praten over je gewelddadige man, ook met je beste vriendin. We hebben het niet geleerd. We mogen ons er niet mee bemoeien. We zijn er niet voor opgeleid. We leven toch niet in een Big Brother is watching you samenleving? ‘Ben ik mijn broeders hoeder?’ En daarmee kom ik op de belangrijkste reden om in actie te komen: praten is de eerste stap naar verandering!

 

Veilig Thuis
Hoe voer je zo’n gesprek? De eerste stap zet je door je zorgen te delen. Een goede manier is te praten over wat je ziet, hoort of merkt: ‘Ik zie blauwe plekken en je schrikt als ik je aanraak, vertel eens’. Of: ‘Buurvrouw, ik hoor dat je uit je slof schiet tegen de kinderen, red je het alleen?’ Als je het niet met je vriendin of buurvrouw durft te bespreken, kun je contact opnemen met Veilig Thuis. Veilig Thuis zal je adviseren wat je zelf kan doen, of aanraden een melding te doen, waarna Veilig Thuis het overneemt.

 

Doorbraak
De reikende hand wordt meestal aarzelend, maar dankbaar aangegrepen. Het betekent niet dat één opmerking of één gesprek een patroon van jarenlange mishandeling of verwaarlozing zal doorbreken. We moeten verdragen dat het tijd en moeite kost zulke ingesleten patronen te doorbreken. Het betekent wel dat een slachtoffer weet: ‘Ik sta niet alleen, ik word gezien en er is hulp mogelijk’.

 

Wondervraag
De samenleving verwacht dat er wordt ingegrepen en dat kinderen en volwassen beschermd worden tegen geweld, thuis, op school of in de zorginstelling. De samenleving, dat zijn wij, en de professional of andere betrokken die in actie moet komen, dat zijn wij óók. ‘It takes a village to raise a child’, zegt Hillary Clinton, binnenkort mogelijk de eerste vrouwelijke presidentskandidate van de VS. Alle betrokkenen kunnen een steentje bijdragen door naar elkaar om te kijken. We kunnen zo de samenleving vriendelijker en veiliger maken. Verwacht geen wonderen, maar stel elkaar de ‘wondervraag’: ’Hoe is het met je? Ik zie dat je… Vertel eens?’

Trefwoorden:
Zorg en Welzijn

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Ina van Beek, Expert huiselijk en seksueel geweld bij Movisie
Leer elkaar aanspreken op geweld - 26 juni 2015



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 51
Maak een interview van uw opiniestuk
> Meer