Debat
27 juli 2015 | door: Herman Gallé

Respect of lafheid?

De tijd dat o.a. Hitler als 'bevriend staatshoofd' werd beschouwd en al te stevige kritiek op hem als belediging ván werd bestraft is naar mijn stellige overtuiging niet onze meest glorievolle periode

"Er is niets op tegen anderen de maat te nemen waar het gaat om zaken als ethiek, respect, mededogen."

In een opmerkelijk artikel van 20 juli jl. van Charles van den Broek wordt de westerse mens in de hoek gezet als betweter, opgestoken vingeraar, moralist ten opzichte van andere culturen, religies, landen, politieke systemen etc. Van den Broek houdt daar niet van en zet vervolgens mij – immers ik behoor tot die pedante westerse mensensoort -  in diezelfde hoek.

 

Ik pik er even een paar saillante voorbeelden uit:

 

We mogen de SGP van hem niet kapittelen omdat deze – als gemalen poppenstront zo fijne – gristenen vrouwen als niet-volwaardige wezens beschouwen en ze dientengevolge het recht ontzeggen een rol in de politiek te spelen. Als voorbeeld van het gelijk van SGP sleept hij Edith Schippers er bij. Als Schippers tot de SGP had behoord zou ze nooit ‘minister van tabak’ zijn geworden en zou Nederland voor die rampspoed behoed zijn geweest. Maar ja, Schippers is van de VVD – minstens zo erg als de SGP – en zal haar aandeel in het rampbeleid van dit rariteitenkabinet nog wel even blijven leveren. En de SGP is door de dwang dit idiote standpunt te laten varen ietsje minder achterlijk geworden.

 

Van den Broek is ook niet gecharmeerd van onze afkeer van het ‘eeuwenoude Spaanse  cultuurgoed’ dat we kennen als het stierenvechten. Macho-mannetjes in gekke pakjes die voor een uitzinnige menigte een onschuldig dier doodmartelen. Lyrisch is hij is over wat Ernest Hemingway over dit walgelijke schouwspel heeft gezegd: ‘De strijd tussen mens en dier, de cultus van leven en dood’. Hoe ziek kan ook een ‘grote geest’ als Hemingway zijn om dit schunnige gebeuren als iets hogers te legitimeren? Daarom zal ik nooit iets van Hemingway in mijn boekenkast willen hebben en mijn stem blijven verheffen tegen de respect- en meedogenloze wijze waarop in de arena’s dieren tot sterven toe worden gepijnigd. En zal mijn hart een sprongetje maken bij die zeldzame gelegenheden dat niet de stier maar die halve gare toreadorkwibus het loodje legt. Ook weer met de droevige wetenschap dat de stier uiteindelijk zijn heldendaad ook niet zal overleven.

 

Vervolgens krijgt het homohuwelijk een beurt van onze Charles. Het huwelijk is een formele bevestiging van een liefdesrelatie tussen twee mensen. Ik beschouw het als iets om trots op te zijn in een land te leven waarin we eindelijk tot de conclusie zijn gekomen dat liefde tussen mensen niet beperkt wordt tot man-vrouw, maar dat ook man-man, vrouw-vrouw en zelfs tussenvormen bestaan en geformaliseerd mogen worden in de vorm van een huwelijk. En ja, ik vind een samenleving achterlijk waar mannen niet hand in hand met mannen en vrouwen niet hand in hand met vrouwen over straat kunnen gaan zonder het risico te lopen in elkaar te worden geslagen door politie of andere fatsoensrakkers. En waar de mogelijkheid tot homohuwelijk wordt bespot en minachtend weggewuifd. Mag ik dat achterlijk en abject vinden? Ja, dat mag ik! Misschien niet van Van den Broek, maar daar heb ik ... aan!

 

De doodstraf. Moet kunnen, vindt Van den Broek. En wie zijn wij om een regering te veroordelen die er geen been in ziet overtreders van de wet dood te schieten of te spuiten, op te hangen, te elektrocuteren, te vergassen, te onthoofden, te stenigen of hoe dan ook onschadelijk te maken? Iets wat we misschien – moeilijk begrip, hoor – als ‘beschaving’ mogen aanmerken?

Toegegeven, in dit land maken we elk jaar een half miljard dieren dood voor een product dat we niet nodig hebben – vlees en zuivel – dus ook het beschavingsoffensief in onze eigen regio is nog niet afgerond. Van een (mensen)leven blijf je af, tenzij in zeer bijzondere omstandigheden.

 

Er is niets op tegen anderen de maat te nemen waar het gaat om zaken als ethiek, respect, mededogen, kortom beschaving. En ja, ik mag mijn eigen samenleving op bepaalde gebieden moreel superieur vinden ten opzichte van andere, zoals ik ook mijn eigen denkbeelden, principes etc. moreel superieur mag vinden boven die van anderen. Staat tegenover dat ik nooit mijn ogen mag sluiten voor de feilen van mijzelf en mijn samenleving en dus ook  kritiek van buitenaf moet accepteren.

 

In plaats van het opgeheven vingertje waar Van den Broek zich kennelijk nogal aan stoort is het kritiekloos accepteren van feilen en misstanden elders zoals moord, (dieren)mishandeling, discriminatie, homohaat, rechteloosheid en meer onfrisse zaken laf en gemakzuchtig.

 

De tijd dat o.a. Hitler als ‘bevriend staatshoofd’ werd beschouwd en al te stevige kritiek op hem als belediging ván werd bestraft is naar mijn stellige overtuiging niet de meest glorievolle periode uit onze nationale geschiedenis.

 

Gemakshalve gooit Van den Broek aan het eind van zijn warrige verhaal vrij drugsgebruik, homohuwelijk, pedopartijen(!!) en persvrijheid op één morele hoop. Hij noemt onze bekeringsdrang ‘ziekelijk-calvinistisch’ en hij weet zeker dat men in andere landen niet zit te wachten op onze ijver de wereld wat leuker, aantrekkelijker en rechtvaardiger te maken. Quote: “Als Chinezen dat (persvrijheid) echt zo belangrijk vonden, zouden ze er zelf wel voor opkomen, lijkt me”... Hoe simplistisch kun je zijn? Respect of eerbied voor onrecht, wreedheid, uitbuiting is een contradictio in terminis.

 

Dus laten we vooral doorgaan met het aan de kaak stellen van foute, onrechtvaardige en leed veroorzakende omstandigheden zowel in  binnen- als buitenland. En schuw daarbij het opgeheven vingertje niet. Het helpt!

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer