Verkeer
11 september 2015 | door: Ed Moné, secretaris branchevereniging voor ritregistratiebedrijven BVLR

Wiebes maakt van auto weer melkkoe

Staatssecretaris van Financiën blijft zuinige benzine- en dieselrijders straffen voor het feit dat zij geen elektrische of hybride auto's hebben gekocht.

"De auto-industrie is jarenlang een worst voorgehouden"

In een paar jaar tijd is door het autobeleid het Nederlandse wagenpark compleet veranderd. Op Schiphol staan Tesla's in rijen opgesteld, in de binnensteden de e-Smarts en op snelwegen kun je zo uren achter boodschappenauto's rijden. Bovenal zien we veel auto's die deels elektrisch rijden en deels op fossiele brandstof. Het CBS spreekt van een verviervoudiging van zulke hybrides ten opzicht van vijf jaar geleden. Driekwart ervan zijn leaseauto's.
 
De gevoeligheid van Nederlanders voor overheidsmaatregelen om zuinig te rijden merkt ook  de staatssecretaris van Financiën op in zijn Autobrief 2, waarover de Kamer vorige week debatteerde. Het zijn fiscale, en geen morele prikkels geweest die deze omslag hebben veroorzaakt. De meeste Nederlanders die uit hun vieze wagens zijn gestapt rijden vaak helemaal niet zuinig met hun potentieel schonere auto's, laat staan elektrisch met de hybrides. Ruim de helft van de leaserijders met een plug-in hybride rijdt 80 procent van de afstand fossiel.
 
Uit het Nationaal Zakenauto Onderzoek 2014 (NZO) van drie mobiliteitsorganisaties blijkt dat berijders van schone auto's gefixeerd zijn op de bijtelling (het percentage van de cataloguswaarde van de leaseauto dat de leasenemer bij zijn inkomen moet optellen voor de inkomstenbelasting) en niet op het milieu. Dat blijkt ook uit het feit dat slechts de helft van de hybriderijders - af en toe - gebruik maakt van een publiek laadpunt.
 
Uit het NZO blijkt overigens ook dat de status van modellen minder belangrijk wordt, en dat het oordeel van vrienden of collega’s er nog maar weinig toe doet. Het draait vooral om de factoren ‘aanschafwaarde’, ‘fiscale bijtellingsklasse’ en het beleid van de werkgever (die natuurlijk op de kosten en uitstraling zal letten). En, ja, ook ‘milieu’.
 
Het lijkt daarom gerechtvaardigd te concluderen dat alle sturende maatregelen hebben geleid tot ander keuzegedrag van de zakelijke rijder. Maar niet op een ander, milieuvriendelijker rijgedrag, getuige het brandstofgebruik en het links laten liggen van de publieke laadpalen. Het gevolg van dit feitelijke misbruik van de regeling is enerzijds dat Wiebes verwachte inkomsten misloopt en anderzijds het milieu er niet veel mee opschiet, wat toch echt een 'belangrijke nevendoelstelling' was, schrijft hij. Reden voor hem om zich af te vragen of 1) de autobelastingen nog wel consistent zijn; 2) de beoogde doelen niet eenvoudiger kunnen worden behaald; en 3) er niet meer milieuwinst geboekt kan worden met dezelfde inzet.
 
Het zijn begrijpelijke vragen. Helaas geeft Wiebes de verkeerde antwoorden. En ondanks verzet in de Kamer heeft hij besloten degenen te straffen die wél zuinig rijden. Zo voert hij een vaste bijtelling in van 22 procent, met uitzondering van de volledig elektrische auto, die een bijtelling van 4 procent zal krijgen. Dit maakt duidelijk dat we te maken hebben met een overheid die gefixeerd is op geld; we gaan allemaal meer betalen. Bovendien gaat deze beslissing ten koste van de auto-industrie; die jaren een worst is voorgehouden als ze investeerde in zuinig rijden.
 
Wat moet Wiebes dan? Als we kijken naar wat veel berijders zelf het eerlijkst vinden, dan is dat de herintroductie van de gestaffelde bijtelling. Dan wordt de bijtelling berekend aan de hand van het daadwerkelijk gereden aantal privékilometers. Wanneer er weinig privé met de auto wordt gereden, is het bijtellingspercentage laag. En wanneer er veel privé wordt gereden, betekent dit vanzelfsprekend meer bijtelling, of zelfs betaling per kilometer. Dit bestond tot 2004, waarna ervan werd afgestapt vanwege de administratieve rompslomp die het met zich mee zou brengen. We zijn nu vele innovaties verder. Bovendien weten we nu dat berijders die minder bijtelling betalen eerder afscheid nemen van hun oudere, viezer privéauto.
 
Wie nu jaarlijks minder dan 500 kilometer privé rijdt, hoeft niets op geven aan de fiscus. Veel mensen rijden net iets meer. Wiebes kan die belonen door de 500 kilometer op te rekken naar 1.500 kilometer per jaar tegen een vast tarief van € 500,- (€ 0,33 per km), op voorwaarde dat er geautomatiseerd een ritregistratie bijgehouden wordt.
 
Maar laten we ook verder kijken dan wat in ons belang is als ritregistratiesector. De staatssecretaris kan de belasting op stroom voor plug-in-hybrides verlagen, zodat het prijsverschil met diesel en benzine groter wordt. Hij kan een kortingmaatregel bedenken op 's nachts elektronisch bijtanken en het kan slim zijn autobezitters de trein in te stimuleren.
 
Ons gaat het er vooral om dat hij het onrechtvaardige bijtellingspercentage van schone (22 procent) en zeer schone auto's (4 procent) terugdraait. In een rechtsstaat geldt het principe dat een dienst of product niet tweemaal belast kan worden. Milieuvriendelijkheid van auto's zit sinds 2013 al verdisconteerd in de aanschafbelasting (BPM). Wij hopen dat Wiebes zich dit herinnert en dat hij het principe van 'de vervuiler betaalt' alsno eerlijk toepast op zakelijke rijders, bij voorkeur door de herintroductie van de gestaffelde bijtelling. Nu wil hij van de auto weer een melkkoe maken. Terwijl het tijd is om het begrip win-win weer uit de kast te halen.

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Ed Moné, secretaris branchevereniging voor ritregistratiebedrijven BVLR
Wiebes maakt van auto weer melkkoe - 11 september 2015



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer