Arbeidsmarkt
3 mei 2016 | door: Anja de Rooy-Kolkman, Freelance juridisch adviseur

Geert-Jan Knoops en de misperceptie over vrijwilligerswerk

Dat zelfs advocaat Geert-Jan Knoops een misperceptie lijkt te hebben over vrijwilligerswerk laat zien hoe diepgeworteld de problematiek met betrekking tot onmisbaar werk is.

"Niet vrijwilligers zijn onmisbaar, maar het werk dat zij uitvoeren kan niet gemist worden."

Geert-Jan Knoops is een topadvocaat. En voor zover mij bekend ook een goed mens. Zijn pro deo inspanningen voor de Nederlands-Argentijnse piloot Julio Poch verdienen veel respect en zijn openlijke kritiek op de Staat der Nederlanden in dat dossier evenzeer. Poch wordt ervan beschuldigd betrokken te zijn bij de verdwijning van tegenstanders van het militaire regiem tussen 1976 en 1983. Ons ministerie van Financiën zou een borgstelling geweigerd hebben.

Knoops is vaste columnist bij de Telegraaf. In zijn column van afgelopen week (vrijdag on-line en zaterdag in de krant) schreef Knoops over zijn twee overleden labradors Nora en Tobi en zijn positieve ervaring met vrijwilligerswerk.

 

Wat is vrijwilligerswerk?

Volgens Wikipedia is er voor vrijwilligerswerk geen ‘’eenduidige” definitie. Een rondje langs de (digitale) woordenboeken en encyclopedie maakt duidelijk dat iedereen het er wel over eens is dat het om werk gaat. Soms wordt een soort cirkelredenering gevolgd en wordt vrijwilligerswerk gedefinieerd als ‘werk dat gedaan wordt door een vrijwilliger’. De grootste gemene deler in alle soms uitgebreide omschrijvingen lijkt wel dat het moet gaan om “Vrijwillig verricht, onbetaald werk” .

 

Vrijwillig betekent “niet gedwongen en uit vrije wil”. Onbetaald betekent dat er geen vergoeding tegenover staat. En werk tenslotte betekent dat het gaat om arbeid.

 

Tegenover arbeid staat ontspanning en vrije tijd. De scheidslijn tussen arbeid en ontspanning kan dun zijn omdat er nu eenmaal mensen zijn die in hun vrije tijd graag arbeid verrichten en daar ontspanning in vinden of daar een goed gevoel door krijgen.

 

Vast staat echter dat vrijwilligerswerk duidelijk wat anders is dan in zwembroek op het strand liggen zonnen.

 

Motieven van vrijwilligers

Mensen ontlenen hun gevoel van eigenwaarde aan wat zij doen en hebben gedaan. Kortgezegd: je bent wat je doet. Zolang je niet chronisch ziek of invalide bent lijkt je identiteit voornamelijk  gekoppeld aan je (vroegere) werkzaamheden.

 

Niemand lijkt tevreden met het imago van feestbeest of lanterfant. Een LinkedIn profiel of curriculum vitae waarin iemand zich op zijn ledigheid laat voorstaan ben ik tenminste nog nooit tegengekomen.

 

Mensen willen graag werken omdat zij zich daar goed door voelen. Zij willen zich nuttig voelen. Arbeid verrichten levert waardering op. Helemaal als het gaat om vrijwillig verricht onbetaald werk levert dat extra bewondering op. En als je het lang genoeg doet zelfs een koninklijke onderscheiding.

 

Er zijn ook mensen die dankbaar zijn voor wat het leven hen heeft gebracht en zich daardoor verplicht voelen vrijwillig iets voor anderen te doen. Zij voelen een soort van morele verplichting.

 

Anderen zien in het doen van vrijwilligerswerk een mogelijkheid om ervaring op te doen waardoor hun toegang tot de betaalde arbeidsmarkt verbeterd wordt.

 

Weer anderen worden door de gemeente verplicht om een tegenprestatie te verrichten voor hun bijstandsuitkering. Zonder tegenprestatie wordt er gekort op de uitkering.

 

Vrijwilligers hebben dus altijd persoonlijke motieven om vrijwilligerswerk te doen. De rode lijn hierin is dat voor de meeste mensen lijkt te gelden dat arbeid gelukkig maakt.

 

Recht op werk

In artikel 23 van de Universele verklaring van de rechten voor de mens is bepaald dat een ieder recht heeft op arbeid en opeen rechtvaardige en gunstige beloning”. Niemand kan daar echter een concreet recht op arbeid en inkomen aan ontlenen. Er moet wel werk zijn en dat werk moet betaald kunnen worden.

 

Nu, dat werk is er wel. Er is zelfs een schreeuwend tekort aan arbeidskrachten. De media melden dat Schiphol niet goed beveiligd kan worden, politietaken niet kunnen worden uitgevoerd en op grote schaal worden noodzakelijke zorgtaken wegbezuinigd.

 

Een vrouw van 86 jaar, die amper kan zien, moet voortaan zelf haar huis schoonhouden omdat de thuiszorghulp niet meer vergoed wordt, zo meldde het RTL journaal 28 april jl.

 

In de zorg heeft men eveneens het fenomeen van de vrijwilliger omarmd. Betaalde krachten gaan eruit en vrijwilligers komen daarvoor in de plaats. Lees bijvoorbeeld dit artikel of dit stuk.

 

Het recht op arbeid tegen een rechtvaardige en gunstige beloning is verworden tot een recht op uitkering. Mits je geen spaargeld hebt, want anders moet dat eerst op.

 

Geert-Jan Knoops en het vrijwilligerswerk

Voor iemand met een goedbetaalde job lijkt het alsof de samenleving wat mooier en socialer wordt door vrijwilligerswerk. Knoops is een bevlogen advocaat met een riant inkomen, over wiens woonstijl Quotenet schrijft. Soms werkt hij pro deo en levert dan dus vrijwel onbetaald zijn diensten.

 

Knoops hoeft zelf, financieel gezien, geen gebruik van vrijwilligerswerk te maken, maar kwam er toch mee in aanraking. Zijn labradors Nora en Tobi overleden kort na elkaar en de vrijwilligers van de dierenambulance waren er om hem te ondersteunen.

 

Knoops realiseert zich dan hoe bijzonder het is dat er een initiatief als de dierenambulance bestaat, die, naar zijn zeggen, in Amsterdam vrijwel geheel draait op gebundelde krachten van vele vrijwilligers. Hij pleit voor meer subsidie.

 

“Het belang van vrijwilligerswerk wordt vaak onderschat, maar stelt u zich eens een land zonder deze mensen voor”, zo schrijft Knoops in zijn column. “Dat zou bijvoorbeeld betekenen dat uw vader of moeder, opa of oma in het bejaardentehuisnet dat kopje koffie en beetje aandacht minder krijgt.”

 

“Samenleving wat mooier; wat socialer”, zo staat er in dikke vette oranje letters middenin zijn column over de onmisbare vrijwilligers.

 

Onmisbaar werk moet betaald worden

Maar vrijwilligers maken de samenleving niet mooier en socialer. Het gaat om een misperceptie.

Hoeveel dierenverzorgers leven er van een uitkering omdat zij geen betaald werk kunnen vinden? Hoeveel gediplomeerde zorghulpen en gediplomeerde activiteitenbegeleiders kunnen geen baan vinden omdat hun werk door vrijwilligers wordt gedaan?

Er wordt bij voortduring gehamerd op het belang en de noodzaak van het vrijwilligerswerk omdat er grote behoefte is aan arbeidskrachten voor onmisbaar werk waarvoor wij als maatschappij niet bereid lijken te betalen.

 

Dat is niet alleen tegenstrijdig maar betekent ook dat wij als maatschappij accepteren dat er grote groepen mensen niet volwaardig meedoen. Dat er zoveel mensen van bijstand leven en er tegelijkertijd zoveel vrijwilligers als onmisbaar worden beschouwd geeft aan dat er iets grondig mis is. Onmisbare arbeid dient immers als normaal werk beloond te worden. 

 

Conclusie

Het pleidooi van Knoops om met subsidies te  zorgen dat vrijwilligerswerk in stand kan blijven omdat dit een stukje erkenning betekent voor het vele werk dat vrijwilligers verrichten miskent het probleem. Juist door het werk dat thans door vrijwilligers wordt uitgevoerd serieus te nemen en daarvoor rechtvaardig te betalen wordt erkend dat dit werk onmisbaar is voor de samenleving. Niet vrijwilligers zijn onmisbaar, maar het werk dat zij uitvoeren kan niet gemist worden. Pas als mensen betaald worden voor onmisbaar werk kunnen meer mensen volwaardig meedoen in onze samenleving en wordt Nederland een stukje mooier.

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer