Media
22 juni 2011 | door: Arnold Roosendaal, partner bij Fennell Roosendaal Onderzoek en Advies en promovendus bij het Tilburg Institute for Law, Technology, and Society (TILT)

Facebook maakt anoniem of pseudoniem internetten onmogelijk

Facebook registreert individueel zoekgedrag op internet van leden, maar ook van niet-leden. Het weet straks alles van je en mag er alles mee doen. De (Europese) overheid moet daar iets tegen doen.

"De vriendendienst kan van miljoenen mensen met zekerheid de identiteit bevestigen"

Facebook CEO Mark Zuckerberg heeft onlangs zijn verwachting uitgesproken dat het fenomeen privacy van voorbijgaande aard is en op termijn helemaal niet meer belangrijk zal worden gevonden. Kennelijk is hij overtuigd genoeg van zijn eigen gelijk om alvast de nodige stappen te zetten voor als het daadwerkelijk zover is. De veelbesproken gezichtsherkenning, zoals recent ingevoerd, is daar slechts een voorbeeld van.

 

Maar gaat het hier alleen om privacy van Facebookgebruikers of is er meer aan de hand?

 

Het invoeren van deze gezichtsherkenningstechnologie door Facebook staat niet op zichzelf, maar is onderdeel van de strategie van het bedrijf om wereldwijd de grootste online identiteitsprovider te worden. Voor tal van diensten kan Facebook straks met grote zekerheid bevestigen of ontkrachten of iemand die zich aanmeldt daadwerkelijk is wie hij zegt te zijn. Andere online dienstaanbieders kunnen dan op basis van het oordeel van Facebook toegang verlenenen of weigeren, of een product al dan niet aanbieden.

 

Om dat te kunnen heeft Facebook accurate gegevens over personen nodig, dus elke bevestiging van een identiteit en bijbehorende gegevens is belangrijk. Facebook controleert al actief op de locaties van haar leden door verificatie te vragen wanneer vanaf een afwijkend IP-adres is ingelogd op een account. Daarmee kunnen verschillende locaties en apparaten aan een persoon gekoppeld worden. Gezichtsherkenning stimuleert het taggen en draagt dus ook bij aan de precisie waarmee gebruikers in kaart worden gebracht.

 

Echte naam

Voeg daarbij de verplichting om je echte naam te gebruiken op je profiel (waar ook controle op plaatsvindt) en Facebook kan van miljoenen mensen met zekerheid de identiteit bevestigen. Dat is dus de echte (offline) identiteit waar je online niet van kunt afwijken. Anoniem of pseudoniem internetdiensten afnemen is er niet meer bij.

 

Essentieel is dus de hoeveelheid en het soort informatie die Facebook verzamelt over haar leden, die een welkome aanvulling vormt op de informatie die leden zelf op hun profielen plaatsen. Om dat allemaal mogelijk te maken is het slim om mensen te laten geloven dat ze privacy niet belangrijk vinden. Elke keer een kleine inbreuk op privacy wordt gemakkelijker aanvaard dan in een keer een grote inbreuk. Zolang mensen het geheel niet zien lijkt er dus weinig aan de hand.

 

Like-button

Maar het gaat nog verder. Via de zogeheten ‘Vind ik leuk’-knop (Like-button) heeft Facebook het voor elkaar gekregen om van alle sites die zo’n knop tonen direct informatie te krijgen over welke leden de site en eventuele subpagina’s bezoeken. Oftewel: Facebook weet welke sites en artikelen zij interessant vinden.

 

Het aanklikken van de knop is daarvoor niet eens nodig. Dit systeem was zelfs ingenieus genoeg om tot voor kort ook niet-leden te volgen. Via Facebook Connect, een andere toepassing die op tal van websites te vinden is, kregen niet-leden een cookie met een uniek identificatienummer op hun computer geplaatst door Facebook. Vanaf dat moment werd over deze mensen informatie over individueel surfgedrag doorgestuurd aan Facebook. Er was dus geen ontkomen aan.

 

Gelukkig heeft Facebook de toepassing voor niet-leden aangepast nadat de privacyschending door ondergetekende was ontdekt en naar buiten gebracht. Het werd omschreven als een fout in de software, maar ik zou niet verbaasd zijn als een vergelijkbare inbreuk op de privacy binnenkort weer aan het licht komt.

 

Uiterlijke kenmerken

Het opzoeken van de grenzen van privacy dient het doel van Facebook om identiteiten te verzamelen en die commercieel te gebruiken, zoals dat nu al gebeurt via gerichte advertenties. En de mogelijkheden daartoe zullen enorm toenemen. Ook van niet-leden zal Facebook proberen een gedetailleerd individueel profiel samen te stellen en de gegevens te gelde maken. Bij leden worden de geschreven interesses door gezichtsherkenning aangevuld met uiterlijke kenmerken.

 

Facebook heeft de gegevens in handen en heeft via zijn algemene voorwaarden geregeld dat ze vrijwel onbeperkt gebruik van deze gegevens mag maken. Voor commerciële partijen wordt Facebook zo de meest aantrekkelijke tussenpersoon voor de verkoop van producten en het aanbieden van advertenties, want het bedrijf beschikt over het meest uitgebreide en accurate profielenbestand ter wereld. Deze profielen zullen alleen via Facebook toegankelijk zijn en vormen daarmee het echte kapitaal van Facebook.

 

Advertentiemarkt

Elke nieuwe stap die Facebook zet levert op het eerste gezicht slechts een nieuwe functie voor zijn gebruikers op. Het echte belang van de uitrol van toepassingen zit echter in het toevoegen van nieuwe gegevenssets aan de databanken van Facebook. Door de sterke persoonlijke koppeling wordt Facebook de grootste speler op de internationale advertentiemarkt en streeft zo zelfs Google voorbij.

 

Dit commerciële bedrijf weet straks alles van je, wordt het belangrijkste referentiekader voor andere bedrijven en mogelijk ook overheden, en mag alles met je gegevens doen wat het wil. Wellicht ligt hier een taak voor de (Europese) overheid om grenzen te stellen aan de macht van Facebook.

 

De individuele gebruiker dient zich ondertussen bewust te zijn van het feit dat elke nieuwe dienst die Facebook aanbiedt slechts tot doel heeft de monopoliepositie van het bedrijf op het gebied van identiteitsinformatie te versterken. Een nieuwe functie als gezichtsherkenning heeft niet allen voor de gebruikers een toegevoegde waarde, maar vooral voor Facebook zelf.

 

Arnold Roosendaal deed onder andere onderzoek naar de Like-knop van Facebook. Dit artikel verscheen op 21 juni 2011 in NRC Next en op socialevraagstukken.nl

Trefwoorden:
MediaPrivacy

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Arnold Roosendaal, partner bij Fennell Roosendaal Onderzoek en Advies en promovendus bij het Tilburg Institute for Law, Technology, and Society (TILT)
Facebook maakt anoniem of pseudoniem internetten onmogelijk - 22 juni 2011



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer