Zorg en Welzijn
25 oktober 2016 | door: Andrea Walraven-Thissen, Strategic Critical Incident Manager

Terrorisme is een zaak voor ons allemaal

Terwijl de retoriek in de Nederlandse politiek steeds meer individualistisch wordt zien we in andere landen een tegenovergesteld beeld. Waarom investeren in verbinding juist nú van levensbelang is.

"Het belangrijkste wapen van de terrorist is niet zijn bom, mes of geweer. Het is onze angst."

Terwijl de laatste bolwerken van de barbaren in het Midden-Oosten worden afgebroken, weten we allemaal dat het risico op terroristische aanslagen in "onze" Westerse wereld toeneemt. Ik werk in verschillende landen, tijdens de eerste uren schokkende gebeurtenissen. In feite moet je ons vak zien als het vak van de loods, die op een grote boot stapt in de haven. Zodra het schip op zee is en vaart springt de loods van boord en bemoeit zich verder niet meer met de koers. Zo werken wij vanaf minuut nul van de crisis. Draait de crisisorganisatie, dan dragen we over en bemoeien we ons niet met de nafase. 

 

Ik zal eerst uitleggen wat we hebben geleerd uit recente aanslagen en daarna duidelijk maken waarom ik me zorgen maak over de politieke ontwikkelingen in Nederland.

 

Terrorisme als grootste uitdaging

Het belangrijkste wapen van de terrorist is niet zijn bom, mes of geweer. Het is de angst. Lokaal richt de terrorist op een gruwelijke wijze schade aan. Daarop reageren lokale crisissystemen. Maar de effectiviteit van terrorisme ligt in het effect van psychological contagion; media streamen live wat er gebeurt en bij ons allemaal treedt een enórme mate van identificatie op; wij hadden daar ook allemaal kunnen zijn. Angst krijgt grip en de terrorist bereikt wat hij beoogde; een enorme impact en disruptie in onze samenleving.

 

In de afgelopen maanden ben ik heel veel onderweg geweest om te luisteren naar de collega's, die tijdens de aanslagen van het afgelopen jaar de oproep kregen, waarop we allemaal zijn voorbereid, maar die we allemaal vrezen. We hebben geleerd dat ons vakgebied júist rond terroristische aanslagen van enorm belang is geweest. De leiding was natuurlijk in handen van politie en veiligheidsdiensten, maar de eerste (compartimenterings-)structuren werden razendsnel opgezet in nauw overleg met mijn collega's. Psychologische en sociale (kortom; psychosociale) veldcompetentie in de operationele inzet bleek enorm waardevol in het begrenzen van het effect van 'psychological contagion'.

 

We hebben, met name na 9/11 geleerd dat denken en werken vanuit psychologisch/ therapeutisch perspectief juist averechts werkt, in die allereerste fase van een aanslag. Ook in militaire structuren is er veel ervaring opgedaan, met name in het compartimenteren. Maar wat zit daarachter? 

 

Eigenregie versus machteloosheid

Rond een ramp ontstaat chaos. In die chaos ervaren mensen een hoge mate aan machteloosheid en hopeloosheid. Als je gebeten wordt door een slang bestaat er een tegengif. Als mensen in een toestand van machteloosheid verkeren bestaat er ook een antidotum; een mix van controle en eigenregie. Mensen, die controle nemen en eigenregie ervaren kunnen onmogelijk in een toestand van machteloosheid verzinken. In Nederland zijn we heel snel geneigd om mensen die van streek zijn te betuttelen, om dingen over te gaan nemen. We weten inmiddels dat dat juist averechts werkt. Belangrijk is het om mensen zo snel mogelijk te activeren, om ze controle en eigenregie te laten nemen, hoe dramatisch de situatie ook is. Dit wordt achteraf als heel positief ervaren. En bovendien kunnen heel veel burgers een heleboel doen in een lokaal crisissysteem, dat acuut overbelast is. Een mooi gevolg op de langere termijn is dat je de beroemde afrekencultuur buiten spel zet als je mensen al in een heel vroeg stadium betrekt bij besluiten en regie geeft. Dit bewerkstelligen is overigens een vak apart, zowel op micro- als macro-niveau. Ik leer al twintig jaar en leer nog tijdens iedere casus bij.

 

Hoop versus angst

"Hoop" lijkt in Nederland welhaast een besmet woord; als ik erover spreek, dan verzuchten mensen al snel en komen ze op de proppen met commentaar over "de kerk". Maar wanneer ik over hoop spreek, dan spreek ik over verbinding; hoop ontstaat in verbinding. Waar hoop is, neemt angst af (omdat deze samen gedragen wordt). Wanneer mensen in nood verkeren, moeten overleven, dan stuiteren ze naar beneden in de piramide van Maslow; ze zoeken naar veiligheid. Maar daarnaast zoeken we in barre tijden ook naar verbinding, in sociale zin; we zoeken steun bij elkaar. De laatste decennia gaat het ons allemaal heel erg goed. Dus we hebben gewoon minder behoefte aan verbinding. Religie is een vorm van verbinding. Daar mag je van vinden wat je wilt. Maar het is nu eenmaal een feit dat religieuze systemen enorm veel kunnen bijdragen in de ondersteuning van mensen in nood. Ook geloofsgemeenschappen zagen de mensen in de afgelopen decennia weglopen. Dat heeft meerdere oorzaken, maar heeft er zeker ook mee te maken dat we het verdraaid goed hebben, in vrede, veiligheid en weelde.

 

Tijdens een crisis kunnen geloofsgemeenschappen een grote rol spelen in je crisisrespons, als ze verankerd zijn in de getroffen maatschappij. We hebben al heel wat geestelijk verzorgers, priesters, dominees en imams opgeleid. Hun ondersteuning bleek deskundig en waardevol, tijdens rampen. Een kerk of een moskee kan een prima opvanglocatie zijn. Daarnaast bieden alle religieuze stromingen in hun eigen kader mogelijkheden om eigenregie en controle te bevorderen; als mensen samenkomen en bidden, zingen, teksten citeren of gewoon samen stil zijn dan leidt dit tot een directe afname van machteloosheid en angst. Dring niets op, maar laat mensen hun gang gaan, als hen dat helpt.

 

Politiek

Een volle boodschappentas weegt hetzelfde, of je hem nu alleen draagt of niet. Heb je rugpijn, dan ben je blij dat iemand het tweede handvat neemt; je deelt de last. Je rug herstelt, maar inmiddels is die tweede hand vanzelfsprekend geworden. Sterker nog; je gaat je ergeren aan het looptempo van de ander en pakt de hele tas weer zelf. De verbinding wordt verbroken. Vervolgens ga je klagen dat de tas zo zwaar is. Dat kunnen we in Nederland heel goed. En zo ontstaat er een echte slachtoffercultuur, omdat zelfreflectie best ingewikkeld is in een land waarin iedereen vooral "in zijn eigen kracht" wil staan.

 

Gisteren schrok ik enorm van een uitspraak van de voorziter van de sociale regeringspartij. Hij presenteerde zijn verkiezingsprogramma en zei: "ik moet wel investeren in media en cultuur, want er is in ons land nog maar zo weinig dat ons verbindt". Wat een verkeerde constatering. Ik denk dat er wel degelijk sprake is van verbroken verbindingen. Maar dan bedoel ik de verbindingen tussen de politiek en de maatschappij. Dit heeft bijvoorbeeld geleid tot een totale reorganisatie in de zorg en bij de politie. Hierdoor is op maatschappelijk niveau juist heel veel verbinding ontstaan. Het maatschappelijke draagvlak ontbrak; té veel té snel. Wat je politieke voorkeur ook is, heel veel mensen maken zich momenteel zorgen. Daarop reageert de politiek met nóg meer individualisme. Hierdoor ontstaat de teneur dat wij als maatschappij ineens de zorg of bijvoorbeeld de politie slecht vinden. Dat is natuurlijk niet zo; in Nederland hebben we de beste zorg van Europa en er lopen duizenden enorm competente politecollega's rond. Ik zie juist heel veel verbinding.

 

Mevrouw Merkel zit in hetzelfde schuitje. Ook in Duitsland zijn er binnenkort landelijke verkiezingen. Maar zij kiest een hele andere koers. Ook in Duitsland zijn er enorme zorgen. Met name rond immigratie. Maar zij zegt (vrij vertaald): "Als jullie je zo veel zorgen maken over het verlies van maatschappelijke normen en waarden, leef ze dan eens wat meer uit. Zoek elkaar op en zing niet alleen in het volkslied over begrippen als eenheid en vrijheid, maar (be)leef ze ook.". Als je de Duitse burger vraagt of deze achter de politieke besluiten van Mevr. Merkel kan staan, dan is het antwoord zeer negatief. Stel je de vraag of men haar geschikt acht voor haar vak, dan heeft ze desondanks nog een veel hogere score dan Premier Rutte. Waarom? Omdat zij begrijpt dat verbinding werkt.

 

Een ander voorbeeld; Duitse ministers spreken steevast over "de zogenaamde Islamitische Staat", als ze over de barbaren spreken. Ze vermijden hen als entiteit te bekrachtigen. Uitspraken rond terroristische dreiging gaan áltijd gepaard met uitleg over hoe daarop wordt gereageerd ("wat doen wij, als overheid en wat kunt u doen?"). Premier Rutte roept "we zijn in oorlog", maant tot waakzaamheid, maar geeft geen handvatten. Dat vergroot angst.

 

Wat heeft het bovenstaande nu met crisiswerken te maken? Alles. In het afgelopen decennium heeft Duitsland geleerd dat investeren in verbindingen loont. Laatst werd er een nieuw nationaal crisisplan gepresenteerd (het oude was twintig jaar oud). Het plan werd in Nederlandse (social) media weggehoond; er staan uitdagingen in, waarop geen protocol past; oa complete stroomuitval, verlies van het internet, een infrastructuur, die niet meer werkt. Er staat geen enkel draaiboek in. Maar er is overal ruimte voor burgerparticipatie. Deze winter gaan er landelijke crisisoefeningen plaatsvinden, waarbij de burger mag meedoen en meedenken. Bij de ministeries en crisisdiensten zijn er FTE's voor "verbindingsambtenaren". Zij hebben geen standaard oplossingen. Maar als ik bel met een dilemma of probleem zorgen zij dat de juiste lijntjes razendsnel verbonden worden. We weten elkaar te vinden, omdat we heel veel tijd steken in verbindings- en evaluatie-bijeenkomsten; crisiswerken kun je nooit perfect doen. Dus als een collega ervaringen deelt, dan luister ik. En leer ik mee. Daarbij is het Engelse woord "humble" heel gepast; niemand van ons heeft de wijsheid in pacht, maar samen vinden we altijd een oplossing. 

 

In Nederland bestaat mijn vak niet. En ik ken er geen enkele verbindingsambtenaar. Ik woon in Duitsland, ik stem in Nederland. Ben trots op mijn Nederlandse paspoort. Mijn Nederlandse mentaliteit wil me nog wel eens in de problemen brengen, als ik weer eens spontaan out of the box denk in het werken met mijn Duitse soldatencollega's. Ze geven me dan een fikse preek, maar afgerekend wordt er niet.

 

Ik ben een werkende mama. Ik brand kaarsjes in de kerk, als ik zorgen heb. Ik doe veel vrijwilligerswerk. Ik zoek de verbinding. Is dat bijzonder? Nee, natuurlijk niet. Dat doen de meeste Nederlanders; we zijn hartstikke verbonden. En niet alleen door oranje slingers als het voetbaltechnisch of olympisch mag.

 

Laat de politiek dat nu ook eens bekrachtigen. Nederland is geweldig, met top-zorgverleners, hulpverleners en het beste rechtssysteem ter wereld. Mantelzorgers, gemeenschappen en geweldige projecten, die Nederland prachtig maken.

 

Het Binnenhof moet toch verbouwd, dus huur fijn eens een paar kantoren midden in de maatschappij. Verbied dat snelle weglopen uit een politieke fractie; wij stemmen op een persoon, maar vooral op een partij. Onstaat er een conflict; deal with it. Dat moeten wij, buiten in de grote-mensenwereld ook. Luister naar burgemeesters, naar burgers en strooi niet nóg meer onderzoekscommissies en beleidsadviezen over zorgen heen. Hoog opgeleid is zeker niet altijd hooggeleerd en veldcompetent. Kijk wat er goed werkt in een regio, verspreid die kennis en leer van elkaars valkuilen, zonder lange vingers. Haal veldcompetentie naar Den Haag, zéker als de alarmbellen rinkelen.

 

Zorg voor verbinding, dan zorg je voor hoop, dan durven mensen eigenregie te nemen. Dan regeert niet de angst, als de terrorist toeslaat. Maar regeert de verbinding.

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer