Politiek
10 januari 2017 | door: Kees Jan Dellebeke, oud-medewerker AIVD

Nederlandse politici zwichten voor terrorisme

Regelingen om internationaal reizigersverkeer te registreren verraden een grote onkunde en onwetendheid over de praktische uitvoerbaarheid van de strijd tegen terrorisme.

"Aanpak van terrorisme is niet het sluiten van grenzen of het controleren van bus- of treinkaartjes"

Slechts één misdadiger rijdt een paar uur in een trein anoniem door Nederland en ontregelt na zijn dood ongewild het openbaar vervoer in Europa. Tenminste wanneer Nederlandse politici zwichten voor terrorisme.

 

Volgens Volkskrant-journalist Raoul du Pré (5 januari 2017) neemt het maatschappelijk draagvlak voor vrij verkeer van mensen af. Dat zou gebeuren onder druk van populistische politieke groeperingen in Frankrijk, Duitsland en Nederland.

 

Volksvertegenwoordigers verliezen strijd tegen terrorisme

Het theater van de angst is in zijn gehele omvang tot ontplooiing gekomen en belemmert binnenkort niet alleen het reizen door Europa, maar bedreigt ook het vrije denken. De terrorist heeft niet gewonnen, maar wij hebben verloren; murw geslagen, zonder enig spoor van veerkracht noch verzet. Met verkiezingen in aantocht zijn politici ten einde raad, knock-out en niet in staat burgers een goed voorbeeld te geven of hen op sleeptouw te nemen naar een positieve grondhouding. Volksvertegenwoordigers geven in jaren opgebouwde vrijheden, waarden en normen op, in hun verloren strijd tegen terrorismedreigingen. Terrorisme loont.

  

Terroristen proberen hun politieke doeleinden te verwezenlijken door het zaaien van angst. Wanneer politici die angst voeden met de bedoeling de bevolking te mobiliseren, speelt dat terroristen in de kaart. Een doeltreffende aanpak van terrorisme is dus niet het sluiten van grenzen of het controleren van bus- of treinkaartjes. Je vergroot slechts de angst. Je sluit je op in een gebarricadeerd land, waardoor niet alleen jouw blik op de wereld maar ook op de werkelijkheid vertroebelt.

  

Alleen die ‘terreurbanken’ zijn er niet

Een ‘Passenger Name Record-wet’ zou de oplossing moeten brengen, zegt Du Pré. Alle internationale vervoermaatschappijen worden verplicht passagiersgegevens te noteren. Met veel belastinggeld moet er een speciale dienst komen die deze gegevens naast de internationale terreurdatabanken legt. Alleen die 'terreurbanken' zijn er niet. De hoeveelheid data die dit nieuwe registratiesysteem zou opleveren kan bovendien niet worden verwerkt. Reizen van verdachte personen kunnen daardoor niet voor of tijdens de reis worden geanalyseerd. Reconstructie van de reizen wel, maar dat kan nu ook al, zo is gebleken.

  

Niet alleen media wakkeren angst aan bij het publiek. Vooral rechtse parlementariërs doen daar uit eigen belang aan mee. Polarisatie levert Kamerzetels op. Linkse parlementariërs zien vrijheid belemmerende maatregelen als een nederlaag, een knieval voor angst, als beleid voor een tijdelijk fenomeen.

 

Wanneer media en politici nu per se Anis Amri en de aanslag op de kerstmarkt in Berlijn als voorbeeld nemen om maatregelen te nemen tegen vrij reizen, is dat op zijn minst knullig.

  

Knulligheden

Knullig omdat deze terrorist door een slordigheid of met een slim doordacht dwaalspoor een van zijn zes identiteitskaarten in de bus had laten slingeren. Daarnaast had hij nog vijf 'paspoorten' op andere namen. Controles bij internationaal openbaar vervoer hadden hem door gebruik van een andere naam niet opgemerkt.

 

Knullig omdat voorgestelde regelingen tot het registreren van internationaal reizigersverkeer een grote onkunde en onwetendheid verraden ten opzichte van de praktische uitvoerbaarheid van de strijd tegen terrorisme. Gespecialiseerde opsporings- en inlichtingendiensten zitten niet te wachten op nog grotere hooibergen aan data. Dat is geen garantie op succes, integendeel. Te veel data vertroebelt de blik, verstoort de broodnodige accuratesse en werkt zelfs contraproductief. Het wordt op deze manier zelfs moeilijker terroristen te volgen.

 

Terrorisme is helaas ook een risico

Dit betekent niet dat we terrorisme moeten ‘accepteren’, maar we moeten weigeren te worden geterroriseerd. De taak van het parlement is om niet in paniek te raken wanneer een Tunesische terrorist zonder dat hij opvalt ons land met een trein of bus inkomt en verlaat. De taak van het parlement is om kritisch en rationeel te blijven denken over de andere belangen van volksvertegenwoordigers in de aanloop naar verkiezingen.

 

Laten we nuchter vaststellen dat terrorisme ook een risico is, dat bovendien niet erg veel voorkomt en zeker niet in Nederland. We moeten beseffen dat het vanwege onze vrijheden geen toeval is dat juist in Nederland terrorisme zo beperkt blijft.

 

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer