Verkiezingen
26 januari 2017 | door: Eva Schut, Masterstudent Filosofie en Maatschappij

Echte democratie bestaat niet

Thierry Baudet bracht in september 2016 een rapport uit getiteld ‘Echte Democratie’. Drie argumenten waarom deze titelkeuze zowel conceptuele als praktische moeilijkheden met zich meebrengt.

"Andere soorten democratie wegzetten als ‘ondemocratisch’ is onverstandig en zelfs gevaarlijk"

Over minder dan twee maanden zijn de Tweede Kamerverkiezingen, en het is duidelijk geworden dat Thierry Baudet zich als een serieuze kandidaat wil profileren. Het rapport ‘Echte Democratie’ dat hij samen met Paul Cliteur schreef – voor de PVV – geldt als handvat voor zijn eigen partij. Wat wil hij bereiken? Onder andere door bindende referenda, gekozen burgermeesters en e-democracy Nederland eindelijk voorzien van een Echte – directe – Democratie. Los van de vraag of directe democratie de beste manier is om het vertrouwen in de politiek terug te winnen, brengt alleen de titelkeuze al moelijkheden mee. Hiervan wil ik er drie met u bespreken.

 

Democratie als discussie

Filosoof en politiek theoreticus W. B. Gallie schreef al in 1956 dat het begrip ‘democratie’ – net als ‘kunstwerk’ en ‘Christelijke waarden’ – een essentially contested concept is: een min of meer intuïtief begrip dat altijd onder discussie zal blijven staan. In verschillende situaties en door verschillende groepen mensen wordt het telkens anders gebruikt, en elke groep draagt gepassioneerde argumenten aan waarom zij denken het bij het juiste eind te hebben. En dat is prima. Zolang je erover blijft discussiëren en het omstreden karakter erkent, draagt de discussie bij aan de ontwikkeling van zo een begrip.

 

Baudet daarentegen probeert de discussie te gijzelen door zijn suggestie de waarheid in pacht te hebben. Hij probeert zijn tegenstanders buitenspel te zetten. Maar andere soorten democratie wegzetten als ‘ondemocratisch’ is onverstandig en zelfs gevaarlijk, nu ‘democratisch’ bijna synoniem is geworden aan ‘politieke deugdelijkheid’.

 

Oplossing voor het probleem?

Baudet schetst een probleem: ‘het volk’ wordt niet gehoord, politieke beslissingen zijn een opeenstapeling van compromissen, de politieke elite heeft geen voeling meer met de burgers. Hij lijkt dus meer inspraak te willen, actief mee kunnen praten en als burger echt meetellen in de besluitvorming. Politicoloog Will Kymlicka draagt twee oplossingen aan voor deze ontevredenheid: een talk-oriented en een vote-oriented democratie. Eentje gericht op meer praten, of eentje gericht op meer stemmen. De passende oplossing hier zou een talk-oriented democratie zijn: eentje waar burgers actief mee kunnen discussiëren en beslissen, zoals bijvoorbeeld David van Reybrouck voorstelde in zijn pamflet Tegen Verkiezingen. Of Code Oranje, een initiatief van een grote groep burgermeesters, wethouders en andere betrokkenen. Allebei oplossingen gericht op directe inspraak van de burgers, ofwel door loting ofwel burgerzeggenschap. Meedoen vóórdat de beslissing wordt genomen. Inspraak in plaats van instemming. Dat wil het Forum Voor Democratie toch? 

 

Maar in plaats daarvan geeft Baudet vote-oriented oplossingen: referenda, gekozen minister-president, een sterk versoepelde stemprocedure. Allemaal gericht op meer stemmen, niet op meer inspraak. Symptoombestrijding dus. In het Nederlands klinkt dit goed: ‘onze stem wordt niet gehoord, dus moeten we meer stemmen’. De onoplettende lezer zal niet opmerken dat de twee vormen van ‘stemmen’ hier iets compleet anders betekenen. Is het niet effectiever – en geeft het niet meer voldoening – om mee te kunnen praten voor de beslissingen worden genomen? In plaats van ze met een referendum achteraf ongeldig te kunnen maken? En is dit, boven alles, niet meer in lijn met wat Baudet aan problemen oppert?  

 

Meerdere niveaus, meerdere democratieën

Daar komt bij dat op landelijk niveau hele andere belangen spelen dan op lokaal niveau, waarbij een andere mate van betrokkenheid van de burgers verwacht kan worden. Op landelijk niveau zou een directe democratie prima de beste vorm kunnen zijn – een paar keer extra per jaar stemmen kan genoeg gevoel van inspraak geven om het vertrouwen in de politiek niet te verliezen. Maar wat er met de lokale bibliotheek gebeurt, daar willen we wel over meepraten, meebeslissen. Op lokaal niveau zou een deliberatief systeem – zoals voorgesteld door Van Reybrouck of Code Oranje – daarom misschien beter werken.

 

Maar door een rapport ‘Echte Democratie’ te noemen, laat je zo een optie van gecombineerde democratische systemen bij voorbaat buiten beschouwing. Want als alleen directe democratie ‘echte democratie’ is, hebben we dan lokaal geen democratie meer? Deze titel brengt Baudet dus niet alleen concpetueel in moelijkheden, het ontneemt hem de mogelijkheid verder te kijken dan één groot democratisch systeem voor elk bestuurlijk niveau. Voor een politicus en wetenschapper mag dat geen bevredigende uitkomst zijn.

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Eva Schut, Masterstudent Filosofie en Maatschappij
Echte democratie bestaat niet - 26 januari 2017



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer