Veiligheid
23 mei 2017 | door: Brandon Pakker, Filosoof

Neutrale uitstraling politieagent biedt schijnneutraliteit

Een neutrale uitstraling van de politieagent garandeert niet dat onzichtbare persoonlijke (levens)overtuigingen geen negatieve invloed hebben op zijn functioneren. Laat diens handelen bepalend zijn.

"Het zwaartepunt ligt bij het bewustzijn van het slachtoffer"

Hoofdcommissaris Aalbersberg pleit voor het toestaan van hoofddoeken binnen het politiekorps om diversiteit hierbinnen te vergroten. Hierdoor ontstaat een betere afspiegeling van de samenleving in Amsterdam, en dit zorgt aldus Aalbersberg voor meer wederzijds begrip van de verschillende gemeenschappen.

 

Tegenstanders van dit voorstel keuren dit onder andere af omdat het de neutrale uitstraling van het politiekorps ondermijnt. Die neutrale uitstraling is echter een schijnneutraliteit: het voorkomt niet dat persoonlijke overtuigingen het functioneren negatief beïnvloeden, net zo min dat een hoofddoek dit wel doet. Het handelen van de agent moet als criterium gelden, en niet de gemaakte assumpties op grond van zichtbare uitingen van een persoonlijke (levens)overtuiging.

 

Het takenpakket van de politieagent

Volgens de politie zelf bestaat het takenpakket van een politieagent uit het zorgen voor veiligheid, het voorkomen en bestrijden van criminaliteit, het opsporen van strafbare feiten, het verlenen van hulp bij nood en het uitvoeren van politietaken voor justitie. Laat deze omschrijving het uitgangspunt van de discussie zijn.

 

De neutrale politieagent

Tijdens een recente aflevering van Pauw werden door Esmaa Alariachi en Bas van ’t Wout argumenten voor en tegen het toestaan van hoofddoeken in het politiekorps besproken. Zo beargumenteerde Van ’t Wout dat het toestaan van hoofddoeken (naast andere zichtbare uitingen van persoonlijke (levens)overtuigingen) de neutrale uitstraling van de politieagent ondermijnt en dat dit botst met de scheiding van kerk en staat. De neutraliteit die de representant van de overheid dient uit te stralen in woord, daad en uitstraling wordt gerealiseerd door het uniform, en dit is een groot goed waar lang voor gestreden is en wat gewaarborgd moet blijven.

 

Daarnaast zorgt het toestaan van zichtbare uitingen van persoonlijke overtuiging voor onnodige discussies en ongewenste confrontaties op straat. Zo schetst Van ’t Wout het scenario van een slachtoffer van antihomoseksueel geweld dat geconfronteerd wordt met een politieagent die uitstraalt een bepaalde religie aan te hangen waarin homovriendelijkheid geen evidente plaats heeft.

 

De aantrekkelijkheid van neutraliteit

Op het eerste gezicht zijn de genoemde argumenten van Van ’t Wout sterk te noemen. Zo is het feitelijk zo dat het incorporeren van zichtbare uitingen van persoonlijke (levens)overtuiging op grond van de beoogde neutraliteit niet toegestaan wordt. Maar het is juist dit uitgangspunt dat ter discussie staat.

 

Tevens is het door Van ’t Wout geschetste scenario inderdaad voorstelbaar en onwenselijk. Het is voorstelbaar dat een dergelijk slachtoffer zich allesbehalve prettig voelt in de genoemde confrontatie. Al met al is neutraliteit een belangrijk streven, aangezien we in een land willen leven waarin iedereen gelijkwaardig is voor de wet en als zodanig behandeld wordt.

 

De vraag die knaagt, echter, is de volgende: garandeert een neutrale uitstraling dat persoonlijke overtuigingen geen invloed hebben op het juist functioneren van een politieagent?

 

De schijn van neutraliteit

Laten we het eerder geschetste scenario nogmaals analyseren: het slachtoffer voelt zich ongemakkelijk wanneer hij geconfronteerd wordt met een politieagente die een hoofddoek draagt. Dit ongemak ontstaat omdat het slachtoffer geconfronteerd wordt met de hoofddoek van de politieagent, waaruit hij terecht concludeert dat de agente in kwestie een moslim is.

 

Een hieruit voortvloeiende assumptie is dat de agente het in haar persoonlijke leven misschien niet zo op heeft met homoseksuelen, en dat maakt de situatie er niet makkelijker op. De angst is dat de agente door haar persoonlijke geloofsovertuiging haar beoordeling en behandeling van het incident laat beïnvloeden in het nadeel van het slachtoffer.

 

Stelt u zich nu dezelfde situatie voor, maar laat de agente in kwestie een ‘neutrale’ uitstraling hebben. Het is in dit scenario aannemelijk dat het slachtoffer door de afwezigheid van de hoofddoek er geen of minder negatieve assumpties (want dat zijn het) op nahoudt dan in het eerdere scenario. Maar is de kans op een negatieve inmenging van de persoonlijke overtuiging van de agente op de beoordeling en behandeling van het incident nu eveneens minder groot?

 

Natuurlijk niet. Het zwaartepunt ligt bij het bewustzijn van het slachtoffer. Het uniform en de daarmee geassocieerde neutraliteit garandeert niet dat dit in woord en daad overgenomen wordt. Daarmee is de beoogde neutraliteit van het uniform een schijnneutraliteit: het zichtbare en onzichtbare liggen niet per definitie in elkaars verlengde.

 

Bewustzijnsverandering

Kijkende naar de functie en het takenpakket van de politieagent is het duidelijk dat het criterium voor juist of onjuist handelen dient te liggen bij precies dat: handelen. Daarmee is niet gezegd dat het belang van gezag zoals belichaamd in het uniform niet bestaat, maar wel dat het toestaan van zichtbare uitingen van persoonlijke overtuigingen (naast het uniform) geen invloed heeft op het juist functioneren van de agent.

 

Wel is er een bewustzijnsverandering nodig. De burger dient in te zien dat angst of voorzichtigheid op grond van assumpties ingegeven door zichtbare uitingen van persoonlijke overtuiging niet meer zijn dan dat. Of de agente in het eerder genoemde scenario nu een hoofddoek draagt of niet, de eventuele negatieve invloed van haar persoonlijke overtuiging zal zich in haar handelen openbaren, en het is op grond hiervan dat de agente beoordeeld dient te worden.

 

 

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer