Economie
29 maart 2012 | door: Ageeth van den Heuvel, lid VVD sinds 1989

Preventieve zorg moet het middelpunt worden van de zorgverzekeringswet

Verzekerden moeten de kosten voor behandeling waar hun verzekeraar geen contract mee heeft zelf betalen. Waarom kiest minister Schippers niet een andere route? Eén die recht doet aan de consument.

"Het roer moet om! Maak preventie belangrijk in de gezondheidszorg en niet de behandelingen."

De kosten van de gezondheidszorg in Nederland zijn te hoog en zullen bij ongewijzigd beleid onbeheersbaar doorgroeien. Bij ongewijzigd beleid zal de Nederlandse burger een onevenredig deel van zijn inkomsten moeten aanwenden voor de bekostiging van de gezondheidszorg. Op termijn zal dit betekenen dat de zorg, voor een deel van de Nederlanders, onbetaalbaar wordt en dat deze groep zorg zal gaan mijden.

 

Oorzaken van de groei

Zoals bekend zijn belangrijke veroorzakers van de kostenstijging in de zorg de vergrijzing en de groei van het aantal mensen met een chronische ziekte. Aan de toename van de vergrijzing is niet veel te doen, aan de toename van de kosten daardoor wel. De behandelkosten van chronische ziekten zouden op lange(re) termijn door een adequaat preventiebeleid beheerst en zelfs teruggedrongen kunnen worden.

 

Het probleem is duidelijk: de kosten rijzen de pan uit. Uiteraard probeert de overheid de kosten in de hand te houden. Vooralsnog is de hoop daarbij vooral gevestigd op marktwerking. Maar marktwerking in de zorg is meer een façade, geen echte marktwerking. Immers, marktwerking werkt alleen daar waar de consument degene is die aangeeft tegen welke prijs hij welk product op welke plaats wil afnemen. In de zorg heeft de consument daar weinig over te zeggen. In tegendeel, bij marktwerking in de zorg is een betuttelende en dominante rol voor de zorgverzekeraar weggelegd. Deze bepaalt immers welke zorg “geconsumeerd” kan worden, namelijk dat wat de verzekeraar bij de diverse zorgverleners inkoopt. 

 

De verzekeraar doet dit op basis van rationele argumenten, maar zonder rekening te houden met wezenlijke zaken als welke arts/welk ziekenhuis heeft in de omgeving van de patiënt een goede reputatie, bij welke arts voelt de patiënt zich senang. Het is bekend dat als een patiënt zich goed voelt bij een arts of behandelomgeving dit de snelheid van herstel ten goede komt. De zorg treft de patiënt op deze manier wel in zijn portemonnee, maar er zit geen relatie tussen wat hij doet en wat hij betaalt aan premie. En daarmee is de directe invloed van de consument, toch een essentieel onderdeel van marktwerking, praktisch nihil.

 

Perverse prikkels

Een andere reden van de kostenstijging in de zorg kan gevonden worden in het ontbreken van juiste prikkels en de aanwezigheid van perverse prikkels. Prikkels die ervoor moeten zorgen dat de afnemers van de zorg zich bewust zijn van de prijskaartjes in de zorg en prikkels in de sfeer van boetes en beloningen, maar ook prikkels die maken dat aanstaande patiënten en hun artsen en de verzekeraars meer aan (goedkope) preventie gaan doen en daarmee (dure) zorg in de toekomst gaan voorkomen. De drempel om curatieve zorg af te nemen is nu laag. De huisarts is zeer toegankelijk en de medicijnen die in de apotheek worden afgehaald hebben schijnbaar geen prijs. De consument en de arts worden bijna aangemoedigd kosten te maken en zijn zich niet bewust van de kosten van een consult of recept. De zorgverzekeraars moeten meewerken aan het bewust maken van de consument door regelmatig overzichten te geven van gemaakte kosten.

 

Artsen worden beter beloond naarmate ze meer omzet draaien, lees: meer ingrepen
verrichten. Niet echt de manier om kosten in de hand te houden of om preventie te stimuleren. Artsen zouden beloond moeten worden om ons gezond te houden of
ons zo snel mogelijk weer gezond te maken.

 

Het moet dus anders

Het gezondheidszorggebouw radicaal afbreken en opnieuw opbouwen op een korte
termijn is niet realistisch. Er moeten dus elementen worden ingebracht die relatief eenvoudig te implementeren zijn, geen afbreuk doen aan de kwaliteit en bovendien goedkoper zijn. Het sleutelwoord hierbij is “drijfveren”. 

 

Anders gezegd: wat beweegt de spelers op het bord van de gezondheidszorg? Tot de spelers op het bord rekenen we de zorgverzekeraar, de overheid, de belastingbetaler, de premiebetaler en de zorgverlener in brede zin, maar vooral de mens. 

 

De overheid moet bij het maken van wet- en regelgeving vaststellen welke drijfveren de verschillende spelers bewegen en zich daar bij wetgeving op baseren. De drijfveer van de overheid zelf zal zijn de kwaliteit van de gezondheidszorg op peil te houden tegen lagere kosten. De zorgverzekeraar zal diezelfde kwaliteit willen leveren en aan het eind van het boekjaar zwarte cijfers willen schrijven. De drijfveer van de belastingbetaler en ook de premiebetaler lijkt duidelijk. Zo min mogelijk betalen en zo veel mogelijk goede zorg ontvangen.

 

De drijfveer van de zorgverlener lijkt nog het lastigst te definiëren. Uiteraard zullen artsen ooit de keuze voor de studie geneeskunde hebben gemaakt uit ideologisch oogpunt. Het zorgen voor anderen en het genezen van mensen. Een financiële drijfveer zal bij sommigen de doorslag hebben gegeven. In ieder geval is helder dat vandaag de dag naast idealisme ook inkomsten een belangrijke drijfveer is voor enkele groepen zorgverleners.

   

Preventieve zorg inkopen

Uitgaande van de belangrijkste speler, de premiebetaler/patiënt moet het uitgangspunt van wet- en regelgeving dus zijn: kwalitatief goede zorg tegen zo laag mogelijke kosten. Immers, als de kosten van de gezondheidszorg omlaag kunnen, kan de premie voor de ziektekostenpremie navenant omlaag. Dat betekent dan weer dat preventieve zorg het middelpunt moet worden van de gezondheidszorg. In het verlengde hiervan gaan ziektekostenverzekeraars dus, naast medische (be)handelingen vooral ook preventieve zorg inkopen voor hun cliënten bij zorgverleners.

 

Artsen en zorgverleners worden dan dus betaald zowel voor medische handelingen als preventieve zorg. Hier mag in de beloningsstructuur geen onderscheid gemaakt worden. Op deze manier wordt geheel tegemoet gekomen aan de eerder genoemde drijfveren van de zorgverleners.

 

Hoe zit het dan met de drijfveer van de ziektekostenverzekeraar met de zwarte cijfers? Per saldo zal het voor de ziektekostenverzekeraar geen verschil maken. Als de inkomsten van de verzekeraar dalen vanwege lagere premies maar zijn uitgaven dalen mee, blijft de winst- en verliesrekening gelijk.

 

Vragenlijst

Een ander aspect van verlaging van de kosten van de zorg is de zorg zelf. Is het nu nog zo dat medici betaald worden op basis van verrichtingen en ziekenhuizen mede op basis van verpleegdagen, in een systeem dat uitgaat van de patiënt zal het nagenoeg andersom zijn. De medici worden dan gestimuleerd het aantal behandelingen tot een verantwoord minimum te beperken. Hoe efficiënter een behandeling wordt uitgevoerd, hoe lager de kosten immers. De veel gehoorde klacht bij patiënten dat voor de zoveelste keer dezelfde vragenlijst wordt ingevuld, behoort hiermee dus tot het verleden. Aan efficiëntie komt op deze manier dus een bonus te hangen. 

 
Zorginstellingen die het niet voor elkaar krijgen efficiënt te werken zullen beboet worden. Wat wordt de bijdrage van de patiënt in dit nieuwe systeem? De premiebetaler/patiënt die, op advies van de huisarts, meewerkt aan preventieve programma’s zal dit terug zien in een lage(re) premie. Wil een patiënt niet meewerken? Eigen verantwoordelijkheid, maar dan zal de patiënt geconfronteerd worden met een hogere te betalen premie. En kijkend naar de drijfveer van de premiebetaler is de kans groot dat dan toch besloten wordt het preventieve programma te volgen. 

Trefwoorden:
EconomieGezondheid

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Ageeth van den Heuvel, lid VVD sinds 1989
Preventieve zorg moet het middelpunt worden van de zorgverzekeringswet - 29 maart 2012



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer