Europa
27 oktober 2012 | door: Hein van Lieshout, historicus, gespecialiseerd in de internationale betrekkingen

Europees doormodderen is geen optie

VVD-coryfee Frits Bolkestein neemt terecht een kritische houding aan tegenover de euro. De problemen rond de euro zijn echter geen reden om de hele toekomst van de Europese eenwording af te serveren.

"Europese eenwording moet op eigen merites beoordeeld worden en niet op die van de muntproblematiek"

Frits Bolkestein stelt in een opiniebijdrage in De Volkskrant van 16 oktober dat zij die kritisch zijn over een federaal Europa niet per se tegen Europa zijn. Het verwijt van José Manuel Barrosso, de voorzitter van de Europese Commissie, dat zulke kritische geesten stuk voor stuk populisten en nationalisten zijn, gaat inderdaad te ver.

 

Toch mogen ook de critici van de Europese Unie – en dus ook Bolkestein – kritisch benaderd worden. Zijn kritiek op de muntunie is juist én nuttig, omdat enkel een debat Europa verder kan brengen, maar Bolkestein speelt de rol van de mopperige conservatieve liberaal met te veel overgave. Hij verbindt de problemen van de muntunie op onjuiste wijze met de politieke toekomst van de Europese Unie. Die toekomst, zoals voorgesteld door Barroso en Europarlementariër Guy Verhofstadt, zint Bolkestein niet. Maar wat zijn Bolkesteins eigen ideeën over de toekomst van Europa eigenlijk?

 

Onafgemaakt karwei

Bolkesteins kritiek op de muntunie is legitiem, omdat deze achteraf gezien misschien te snel is ingevoerd. Al te positieve gedachtes over de eenwording van Europa in de jaren 80 leidden er toe dat de muntunie gezien werd als een opstap naar politieke eenwording, terwijl de muntunie juist het sluitstuk van die eenwording had moeten zijn. Hoewel het met de kennis van nu beter geweest zou zijn om te wachten met de invoering van de euro, zit het werkelijke probleem hem niet in de beslissing om tot één muntunie te komen, maar in de uitvoering van het plan.

 

Johan Witteveen, ex-minister van Financiën van de VVD, stelde in het tv-programma Boeken (VPRO, 7 oktober) dat de muntunie ‘een geweldige stap vooruit’ was, ondanks zijn eerdere bedenkingen uit 1965 (!) – die terecht worden aangehaald door Bolkestein. Het werkelijke probleem, aldus Witteveen, is het feit dat het karwei vervolgens niet is afgemaakt, omdat er geen goede afspraken zijn gemaakt over de begrotingsregels. Precies daar wringt de schoen op dit moment.

 

Nodig én (on)mogelijk

Na deze enigszins legitieme kritiek op de muntunie, slaat Bolkestein de plank mis als hij verder gaat over de politieke toekomst van Europa. Hij voert het praktische – en zeker niet te onderschatten – probleem van de munt aan om te twijfelen aan het onvermijdelijke Europese doel op de lange termijn: politieke eenwording. Deze politieke eenwording is een langdurig project dat op zijn eigen merites, en niet op die van de muntproblematiek, beoordeeld dient te worden. 

 

Een politieke unie kan er mijn inziens uiteindelijk wel komen, ondanks de grote verschillen tussen de lidstaten. Bolkestein vraagt zich in dat licht af wat Nederland en Bulgarije gemeen hebben. Het antwoord daarop is misschien ‘niet zo veel’, maar hebben Vermont en Oklahoma, beide staten van de VS, zo veel met elkaar gemeen? De Europese  verschillen zullen blijven bestaan, maar als de belangen van beide lidstaten door Europa op een juiste manier worden behartigd hoeven die verschillen verdere eenwording niet in de weg te staan.

 

Door deze vergelijking met de VS roep ik overigens niet op tot het uitroepen van de Verenigde Staten van Europa. Het zou een mogelijkheid kunnen zijn, hoewel het direct kopiëren van staatsvormen in de geschiedenis geen onverdeeld succes is geweest. Nieuwe vormen van eenwording, bijvoorbeeld een federatie van natiestaten, mogen ook niet uitgesloten worden. Bolkestein gruwt van dit laatste idee (‘een wangedrocht’). De weg naar Europese eenwording zal een moeilijke zijn, maar ook een weg die niet bij voorbaat al geweigerd dient te worden.

 

Paul W. Schroeder, een befaamd historicus, gespecialiseerd in de internationale betrekkingen, schreef eens over de samenwerking tussen twee verschillende wetenschapsdisciplines: ‘Many tasks […] in life are simultaneously necessary and impossible. The answer is not to abandon them, but to do one's best and to discover in so doing how far the limits can be stretched.’ Eenzelfde motto gaat mijn inziens op voor het totstandbrengen van Europese eenwording.

 

Creatief versus conservatief

Liever luister ik in dat laatste opzicht naar denkers zoals Verhofdstadt en zijn collega Daniel Cohn-Bendit (zie hun publicatie Voor Europa!), dan naar het sceptische geluid van Bolkestein, die overigens wel zegt dat we moet blijven ‘doormodderen’ – omdat hij zelf geen alternatief heeft? Niet omdat positivo’s als Verhofstadt en Cohn-Bendit altijd gelijk hebben, maar wel omdat zij werken aan een toekomst, die zeker niet makkelijk te bereiken is, maar uiteindelijk onvermijdelijk zal blijken. Verregaande Europese eenwording hoeft geen gedrocht te worden, hoewel het doel waarschijnlijk wel bereikt zal worden met vreemde omwegen en bizarre wendingen.

 

Liever ben ik overgeleverd aan zulke positieve en creatieve denkers, dan aan conservatieve denkers als Bolkestein die enkel zeggen hoe het niet moet, maar geen alternatief presenteren. 

Trefwoorden:
Europa

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Hein van Lieshout, historicus, gespecialiseerd in de internationale betrekkingen
Nederland heeft een New Deal nodig - 29 april 2013
Tijd voor een nieuw Nederlands Midden-Oostenbeleid - 20 november 2012
Historici moeten een grotere rol opeisen in het debat - 30 oktober 2012
Europees doormodderen is geen optie - 27 oktober 2012



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer