Midden-Oosten
20 november 2012 | door: Hein van Lieshout, historicus van de internationale betrekkingen

Tijd voor een nieuw Nederlands Midden-Oostenbeleid

Frans Timmermans heeft zijn belofte over een nieuw Nederlands beleid in het Midden-Oosten nog niet kunnen inlossen. De hevige kritiek van links én rechts afgelopen week biedt echter een buitenkans.

"Juist nu heeft Timmermans een uitgelezen kans om tot een ander en evenwichtiger beleid te komen"

Frans Timmermans, toen nog de beoogde minister van Buitenlandse Zaken, liet op vrijdag 2 november al weten dat het Nederlands Midden-Oostenbeleid op de schop zou gaan. In het regeerakkoord stond in de buitenlandparagraaf naast Israël nu ook de Palestijnse Autorititeit vermeld. PvdA’er Timmermans wees er bovendien op dat Nederland in Europa eensgezindheid moest nastreven om daadwerkelijk invloed te hebben in het Midden-Oosten.

 

Grote woorden, kleine marges

Al snel na zijn (dubbele) beëdiging liet de minister van zich horen. Op woensdag 7 november veroordeelde hij de geplande uitbreiding van Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever. Hoewel Timmermans hierbij wat scherpere bewoordingen gebruikte dan zijn – als pro-Israël bekend staande – voorganger Rosenthal, was de boodschap van beide ministers hetzelfde: uitbreiding van nederzettingen is en blijft een slecht idee.

 

Afgelopen week verdedigde Timmermans daarnaast de opvatting dat het waarnemend lidmaatschap van de Verenigde Naties voor de Palestijnen schadelijk zou zijn. Het zou ten koste gaan van Amerikaanse steun aan de Palestijnen. Timmermans zou de Palestijnse aanvraag daarom niet steunen. Rosenthal zal dit nieuws goedkeurend hebben vernomen. Een legitieme vraag dringt zich op: kan de Nederlandse koers wat betreft het Midden-Oosten wel zo snel worden bijgesteld?

 

Timmermans sprak grote woorden over een koerswijziging, maar het uitvoeren van een dergelijke wijziging is niet zo gemakkelijk. De nieuwe minister moet rekening houden met de voorkeuren van coalitiegenoot VVD, die zich duidelijker dan de PvdA achter Israël blijft scharen. Timmermans weet bovendien uit ervaring – hij was lange tijd diplomaat – dat een minister meer aan zijn hoofd heeft dan partijpolitieke punten scoren. Hij moet de binnenlandse opinie serieus nemen, maar vooral de buitenlandse – beperkte –mogelijkheden in het oog houden. De welbekende ‘kleine marges’ van de Nederlandse buitenlandse politiek spelen Timmermans parten bij het vormgeven van zijn nieuwe beleid. 

 

Links, rechts, evenwichtig

Toch ligt in deze problemen ook een uitgelezen kans om tot een ander beleid dan zijn voorganger te komen. Het benoemen van de Palestijnse Autoriteit in het regeerakkoord en de weigering van premier Rutte om daar verder op in te gaan – zo werd bijvoorbeeld niet duidelijk of Nederlandse vertegenwoordigers in contact mogen treden met Hamas -  kwamen het nieuwe kabinet vorige week op kritiek van rechts te staan. Een dag later moest Timmermans zich verweren tegen (voornamelijk) linkse kritiek op zijn standpunt aangaande het waarnemend lidmaatschap van de Palestijnen bij de VN. Minister Timmermans had hier een andere mening over dan het Kamerlid Timmermans enkele maanden eerder, zo luidde de terechte kritiek. Timmermans maakte zo onmiddelijk kennis met de nog altijd hevige sentimenten in het Nederlandse parlement als het gaat over Israël en de Palestijnen.

 

Dat de kritiek van zowel rechts als links kwam is daarbij erg belangrijk; de nieuwe regering lijkt zo misschien wel ‘evenwichtig’. De term ‘evenwichtige politiek’ werd in het Nederlands buitenlands beleid na de olieboycot van 1973 al gemunt door minister Van der Stoel en heeft sindsdien altijd een belangrijke rol gespeeld in het Nederlandse Midden-Oostenbeleid. Van der Stoel wilde hiermee aantonen dat Nederland heus wel oog had voor de Arabische en Palestijnse belangen, nadat Nederland Israël tijdens de Oktoberoorlog van 1973 duidelijk had gesteund. Timmermans – overigens een pupil van Van der Stoel – kan opnieuw van deze ‘evenwichtigheid’ gebruik maken. De veelgehoorde kritiek op Rosenthal dat hij vooral oog had voor Israël kan hierdoor niet opgaan voor Timmermans. Tegelijkertijd zorgt deze ‘evenwichtigheid’ er voor dat Timmermans, die bijvoorbeeld door Geert Wilders onterecht wordt weggezet als een Palestijnenvriend, een minder gemakkelijk doelwit voor rechts zal zijn.

 

Significant

Nu de gespannen situatie in de Gaza-strook blijft aanhouden en om (Europese) reacties vraagt, kan hij ook daadwerkelijk in actie schieten en het beleid op ‘evenwichtige' wijze naar zijn hand zetten. De Nederlandse rol zal natuurlijk klein zijn, maar Timmermans kan de beeldvorming over het Nederlands beleid wel veranderen. Onder Rosenthal (en eerder onder Maxime Verhagen) was Nederland vooral pro-Israël, nu moet Timmermans laten zien dat ook de Palestijnen weer af en toe op steun kunnen rekenen.

 

In Europa liggen echter de grootste mogelijkheden, zoals Timmermans al op 2 november terecht stelde. Waar Nederland onder Rosenthal Europees initiatief blokkeerde kan Timmermans zich nu constructiever opstellen. Hoewel de rol van Europa in het Midden-Oosten altijd relatief klein zal blijven, kan enkel een eensgezind standpunt Europa een belangrijker speler maken bij het oplossen van het conflict. Na de – wellicht te – grote woorden van de nieuwe minister, wordt het nu tijd voor kleine maar significante daden.

Trefwoorden:
Midden-Oosten

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Hein van Lieshout, historicus van de internationale betrekkingen
Nederland heeft een New Deal nodig - 29 april 2013
Tijd voor een nieuw Nederlands Midden-Oostenbeleid - 20 november 2012
Historici moeten een grotere rol opeisen in het debat - 30 oktober 2012
Europees doormodderen is geen optie - 27 oktober 2012



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer