Arbeidsmarkt
6 september 2011 | door: Suzanne van den Eynden, freelance journalist

Behandel sollicitanten volgens de eisen die je aan hen stelt

Als het om de omgang met sollicitanten gaat, lijken organisaties ineens ieder strategisch inzicht en nauwkeurigheid verloren te hebben. Primaire reacties - zoals negeren - prevaleren helaas te vaak.

"Bedrijven realiseren zich slecht dat hun machtspositie zal veranderen, en dat sollicitanten een goed geheugen hebben."

‘Beste Martijn, zoals zojuist telefonisch besproken, nodig ik je hierbij uit voor een sollicitatiegesprek. De datum is…’ Jasper (niet zijn echte naam) las het mailtje nog eens, en toen nog een keer. “Beste Martijn”? Telefonisch besproken? Hij wist van niets, maar goed, blijkbaar was hij uitgenodigd voor een gesprek voor die baan die hij zo graag wilde! Maar dat met die namen, dat was toch vreemd. Voor de zekerheid belde Jasper even naar de organisatie. Alwaar de dame van personeelszaken doodleuk vertelde dat de uitnodiging helaas toch voor de desbetreffende Martijn was bestemd, en per ongeluk naar Jasper was gestuurd. En Jaspers cv? Dat sloot helaas niet goed aan bij de functie.

Communicerende vaten
De sociale wet van de communicerende vaten schrijft voor dat de energie die twee partijen in een relatie – zakelijk of privé – stoppen, in evenwicht moet zijn. Besteed iemand ineens beduidend meer energie aan een relatie, en vraagt hij daarmee meer aandacht van ons, des te minder geneigd zijn we hier gehoor aan te geven. Van opdringerige verkopers tot veeleisende vrienden, van schreeuwerige reclames tot dwingende ouders: hoe meer ze van ons willen, hoe minder we geven. We worden er niet zelden zelfs onaangenaam van: we reageren kribbig, drukken hen weg als ze bellen, of negeren de dwingeland in kwestie eenvoudigweg. Niet altijd even vriendelijk, laat staan zorgvuldig; maar voor onszelf op dat moment alleszins te rechtvaardigen, gezien de situatie en onze neiging tot korte-termijn reacties op momenten van irritatie.

 

Menselijk kapitaal
Organisaties echter gaan doorgaans prat op hun strategisch inzicht, toekomstvisie voor de lange termijn, en, bovenal, hun zo vaak verkondigde ‘geloof in mensen als het belangrijkste kapitaal’. Gezien die profilering zou van organisaties toch wel wat meer mogen worden verwacht dan primaire reacties op het moment dat er van hen te veel aandacht wordt gevraagd. Maar nee. Als er één groep is die zich momenteel schuldig maakt aan systematisch communicerende vatengedrag, zijn het wel organisaties ten opzichte van hun sollicitanten. Wanneer die sollicitanten te veel aandacht vragen, bijvoorbeeld door in groten getale te reageren op een vacature, treedt die wet onmiddellijk in werking. Gevolg: van zorgvuldig omgaan met die kandidaten wordt nut noch noodzaak ingezien. Het overgrote deel van deze mensen kunnen zij toch niet gebruiken. Waarom ze dan netjes behandelen?
 
Radiostilte
Van alle mensen in alleen al mijn eigen omgeving die het afgelopen jaar – vaak noodgedwongen – op zoek gingen naar een nieuwe baan, is de overgrote meerderheid wel een keer in aanraking geweest met een bedrijf dat op welke manier dan ook voldoet aan bovenstaande beschrijving.
Met stip op nummer één staan de uitblijvende reacties op een sollicitatie. Geen ontvangstbevestiging, geen afwijzing, maar volledige radiostilte.

 

Wie wel een ontvangstbevestiging krijgt, mag zich gelukkig prijzen als het bedrijf uit zichzelf na verloop van tijd nog laat weten dat er voor een andere kandidaat is gekozen. Maar ook daarbij kan het misgaan. Een vriend maakte het omgekeerde verhaal mee van de Jasper-anekdote: hoewel hij aan werkelijk iedere functie-eis van een bepaalde vacature bij een groot technisch bedrijf voldeed, ontving hij toch een afstandelijke afwijzingsbrief op zijn sollicitatie. Toen hij belde voor een toelichting, volgde – pas enkele weken later – een paniekerige reactie: die afwijzing was per ongeluk verstuurd. Of hij alsjeblieft alsnog op gesprek wilde komen.

 

Op een andere sollicitatie, bij een ondersteunende organisatie in de gezondheidszorg, bleef een reactie uit. Mijn vriend stuurde een mailtje, en werd alsnog uitgenodigd voor een gesprek waarvoor hij naar de andere kant van het land moest reizen. Na het gesprek werd hem verteld dat hij anderhalve week later gebeld zou worden over de vervolgprocedure.  Het sollicitatiegesprek bleek echter het laatste contactmoment; nooit weer vernam hij iets van het bedrijf.

 

Bij een kennis leek het solliciteren in eerste instantie gladjes te verlopen. Ze schopte het tot de eindronde bij een woningcorporatie, werd zelfs voorgesteld aan de gehele afdeling, en zou daarna gebeld worden om de startdatum te bespreken. Dat telefoontje kwam nooit. Na veel moeite van haar kant kreeg ze iemand aan de telefoon die wist mede te delen dat er ‘plotseling’ een bestuurswissel was geweest, en het nieuwe bestuur besloten had ‘voorlopig’ niemand aan te nemen.
 
Bestuurswissel
Ook bij het farmaceutische bedrijf waar een vriendin solliciteerde, werd van de ene op de andere dag van strategie veranderd. Tijdens het sollicitatiegesprek werd haar verzekerd dat een tweede gesprek zou volgen, zo enthousiast waren ze over haar. De uitnodiging voor de tweede ronde kwam er echter nooit, en na enkele maanden – toen zij inmiddels een andere baan had – kwam de aap alsnog uit de mouw: er was vlak na haar gesprek ineens een vacaturestop ingesteld. Jammer dan van die gedane belofte voor dat tweede gesprek.

 

‘Plotseling’ een bestuurswissel. ‘Ineens’  een vacaturestop. Het zijn geen acties die getuigen van enige langetermijnvisie of strategisch inzicht. Noch van empathie voor solliciterende potentiële medewerkers. Maar, zo lijken organisaties te redeneren, we kunnen toch iedereen krijgen die we willen. Dus waarom zouden we moeite voor ze doen?

 

En dan zijn er nog de ervaringen in de categorie ‘lomp’. Een kennis solliciteerde bij een vleesverwerkingsbedrijf. Het eerste gesprek ging goed, een tweede volgde, waarin ze ook uitleg zou krijgen over de ict-systemen waarmee het bedrijf werkte. Tijdens dit gesprek kwam het salaris ter sprake, of liever gezegd: concreter dan dat ze ‘goed’ betaald zou worden, werd de directeur niet. De sollicitant vroeg wat de directeur dan wel onder ‘goed’ verstond, waarop deze zeer geïrriteerd reageerde. Toen de zoon van de directeur naderhand aan zijn ict-uitleg wilde beginnen, kapte  vaderlief hem af met de woorden: “Stuur haar maar naar huis, dit wordt toch niets.”
 
Krapte
De werkgever heeft momenteel de macht op de arbeidsmarkt, een positie die helaas te vaak niet bevorderlijk is voor diens medemenselijkheid. Dat die machtspositie over enkele jaren volledig omgekeerd zal zijn, en die communicerende vaten dan op een voor de werkgever veel minder gunstige wijze hun werk zullen doen, daar denken zij niet aan; waarschuwingen van het CBS en CPB over de komende krapte op de arbeidsmarkt ten spijt. Dat sollicitanten een goed geheugen hebben voor slechte ervaringen bij sollicitaties, realiseren zij zich evenmin. Als een organisatie haar klanten zou behandelen op de manier waarop zij met sollicitanten omgaat, zou er van de economie weinig overblijven. Maar dat stukje inzicht ontbreekt blijkbaar – helaas - nog bedroevend vaak.

 

Nu zijn de huidige sollicitatietijden dan ook niet makkelijk voor organisaties. Wie na het plaatsen van een vacature 400 reacties op zich af ziet komen, wordt niet blij van de gedachte al die mensen persoonlijk op de hoogte te moeten houden – zeker niet als er ook nog eens brieven tussen zitten van mensen die duidelijk maken dat ze van het UWV verplicht moeten solliciteren. Dan kan toch niet verwacht worden iedereen een reactie krijgt, laat staan dat het niet af en toe fout gaat?

 

Omdat het om mensenwerk gaat, zou dat laatste inderdaad een onredelijke eis zijn. Maar wat niet onredelijk is, is de verwachting van sollicitanten om behandeld te worden volgens de eisen die doorgaans door organisaties aan deze groep mensen worden gesteld. De gemiddelde vacaturetekst staat immers bol van persoonlijkheidscriteria als ‘recht door zee’, ‘nauwkeurigheid’, ‘empathie’, ‘strategisch inzicht’ en ‘klantgerichtheid’. Het niet nakomen van de afspraak om terug te bellen na een gesprek lijkt mij echter recht door zee noch empathisch. Hoe strategisch kan een organisatie nog worden genoemd die een vacature plotseling intrekt? En het versturen van een uitnodiging aan de verkeerde kandidaat, getuigt niet van veel klantgerichtheid, om over nauwkeurigheid niet te spreken.
 
De sollicitant als klant
De oplossing? Ik vrees dat ik dan toch uitkom bij het aloude ‘wat gij niet wilt dat u geschiedt’. En misschien helpt het recruiters om zich zo levendig proberen in te beelden dat iedere sollicitant een belangrijke klant is, en vervolgens de behandeling van de sollicitanten op die gedachte af te stemmen.

 

Het kan bijna niet anders dan dat het recept voor een deugdelijke omgang met sollicitanten – voor wie de huidige economische tijden nog veel minder makkelijk, laat staan plezierig zijn – dan vanzelf ontstaat. En dat iets als een automatische ontvangstbevestiging met informatie over de vervolgprocedure, en het sturen van de juiste brief aan de juiste persoon, dan ineens helemaal niet zo ingewikkeld, tijdrovend en vervelend meer lijkt.

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Suzanne van den Eynden, freelance journalist
Voor wie is kerst eigenlijk nog leuk? - 18 december 2011
Laat sporters na de wedstrijd met rust! - 7 december 2011
Behandel sollicitanten volgens de eisen die je aan hen stelt - 6 september 2011



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer