Arbeidsmarkt
27 augustus 2013 | door: David Ducheyne, Chief People Officer

Heisa om topsalarissen is contraproductief

Als de overheid bedrijven wil hebben en voor die bedrijven bekwame bedrijfsleiders wil, dan moet ze enkel rekening houden met de arbeidsmarkt, met rechtvaardigheid en met afspraken.

"Zullen we Messi vragen 80% van zijn loon in te leveren?"

Om duidelijk te zijn: de loonstop is een slecht idee. Het zal het probleem van onze loonhandicap ten opzichte van andere landen niet oplossen en het ontwricht de werking van de arbeidsmarkt. De enige mogelijkheid om onze  competitieve situatie te verbeteren, is een algemene verlaging van de lasten op arbeid om zo te komen tot een lagere kost voor bedrijven en als het even kan een hoger nettoloon voor werknemers. Maar de regering negeert deze optie en kiest voor een collectieve bevriezing van de lonen (buiten de bestaande barema’s).

 

Dat het ABVV daartegen protesteert kan ik wel begrijpen. Het is echter fout om hiermee andere mogelijke topics van het sociaal overleg in gevaar te brengen of te gebruiken als pasmunt. Door alles aan alles te koppelen los je niets op.
 
Cynisch opportunisme

Zo gebeurt het ook met het dossier van de toplonen. Om de discussie over de loonstop opnieuw op de agenda te plaatsen, wordt nu ook dit dossier eraan gekoppeld. Dit getuigt van populisme en cynisch opportunisme. De toplonen zijn voor veel mensen een bron van irritatie en het ABVV speelt hierop in.

 

Het klopt dat het brutosalaris van een postbode vele malen lager ligt dan dat van de CEO van BPost, maar dat is zo in elk bedrijf. En blijkbaar verwachten politici van toplui uit (overheids)bedrijven een zeker altruïsme. Ik hoor deze opmerkingen niet als het gaat over grootverdieners in de culturele en sportwereld. Zullen wij Messi eens vragen om slechts 20% van zijn inkomsten op te strijken, in het belang van zijn club of de maatschappij?
 
In dit debat moeten er drie topics bekeken worden: de arbeidsmarkt, het rechtvaardigheidsbeginsel en de juridische verplichtingen.
 
Arbeidsmarkt

Als de topman van BPost aangeeft dat hij het niet doet voor 290.000 euro, dan betekent dat ook dat hij vindt dat hij niet volgens zijn marktwaarde wordt gehonoreerd. Dat betekent ook dat hij zijn heil elders zal kunnen vinden voor de prijs die hij denkt waard te zijn. Je kunt geschandaliseerd zijn over een dergelijke houding, maar puur rationeel heeft de man gelijk. Zoals in elke markt wordt ook in de arbeidsmarkt de prijs bepaald door de vraag. Waarom zou hij dit dan aanvaarden?
 
Rechtvaardigheid

De vraag is of een dergelijke verloning rechtvaardig is. Dit gaat over distributieve rechtvaardigheid: is de verdeling van de salarismassa over alle actoren heen rechtvaardig? Ongelijke behandeling van mensen is aanvaardbaar als de ongelijkheid ook het collectief ten goede komt. Een hoger loon voor een topman kan het bedrijf ten goede komen omdat je daardoor een betere CEO kunt aantrekken.  Er zijn echter grenzen en er zijn dus hoge verloningen die niet voldoen aan dit principe van faire ongelijke behandeling. Er is een groeiende consensus dat bijvoorbeeld 100, 300 of zelfs 800 keer het laagste loon verdienen, niet door de beugel kan. Maar welke loonspanning is dan wel aanvaardbaar? Er wordt een loonspanning van 7 tot 20 geciteerd. Wellicht zal het hoger liggen dan dat. De norm leggen op een arbitraire 290.000 euro is geen oplossing, want dit bedrag houdt geen rekening met de context van het bedrijf en de arbeidsmarkt voor toplui. Veel belangrijker dan de loonspanning op zich is het probleem van de samenstelling van de verloning. Vandaag is in vele bedrijven het aandeel van de variabele verloning te groot  en dit leidt tot andere excessen, met een veel grotere impact op de bedrijfsvoering dan een hoog (basis)salaris.
 
Juridisch

Het staat iedereen vrij om over zijn loon te onderhandelen. Een topman heeft een contract en de vermindering waarvan sprake is, is een wijziging van dat contract voor zover die vermindering niet contractueel voorzien is. Contractuele verplichtingen moeten nageleefd worden.
 
Het enige verschil tussen een bedrijf als Bpost, Belgacom en ook Belfius en andere bedrijven is dat de overheid (dus de belastingbetaler) meerderheidsaandeelhouder is. Als de overheid bedrijven wil hebben en voor die bedrijven bekwame bedrijfsleiders wil, dan moet ze enkel met die drie elementen rekening houden. En als ze vasthoudt aan een arbitrair en forfaitair plafond, dan moet ze ook aanvaarden dat de markt plots kleiner wordt. Meer is daar niet aan. De heisa die vandaag ontstaat door de discussie over het salaris van twee toplui is contraproductief. Er zijn toch andere katten te geselen, niet?

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer