Europa
8 oktober 2013 | door: Paul Voestermans

Een stem voor meer Europa is geen stem tegen lokalisme

Het trekken van de cultuurkaart, dat wil zeggen cultuurverschillen inzetten tegen meer Europa, is een achterhaald idee. Nationale gevoelens horen thuis bij regio's, niet bij Europa.

"Meer Europa lost de problemen op waar Bernard Naron en Bolkestein op wijzen"

Het is steeds weer verbazingwekkend hoezeer de discussie over meer Europa  verziekt wordt door een verkeerde weergave van wat meer Europa werkelijk betekent. Guy Verhofstadt waagde het een lans te breken voor Europa en meteen verschijnen er ingezonden stukken die zijn pleidooi in diskrediet brengen.

 

Zo is er direct het verwijt dat hij voor een superstaat Europa is en tegen de natiestaat. Maar een stem voor meer Europa is geen stem tegen lokalisme  en gevoelens van verbondenheid met de streek waaraan men zo’n goede herinneringen heeft en die voor de eigen identiteit zozeer van belang is. Zoals Aron Grunberg al opmerkte in zijn Voetnoot van 1 oktober 2013 in de Volkskrant: “Een sterke regionale identiteit  behoeft geen natiestaat”. Om zich verbonden te voelen heb je geen Europa nodig; de streek is voldoende. Maar ondanks dat Verhofstadt telkens weer dit lokalisme en nationale trots onderschrijft, wordt zijn pleidooi telkens weer belachelijk gemaakt en verkeerd voorgesteld. Nu ook weer door Bernard Naron in De Volkskrant online.

 

Sterke Europese centrale regering

Wat  zei Verhofstadt in een interview in de Volkskrant van  28 september en wat zal hij ook weer ongetwijfeld met andere woorden gaan zeggen in de Van der Leeuwlezing op 18 oktober in Groningen?  Wat hij al zo vaak heeft beargumenteerd - en steeds weer in andere bewoordingen herhaalt – dat (1) een gecontroleerde militaire verdediging, dat wil zeggen een gerechtvaardigd monopolie op geweld, (2) een betrouwbaar financieel systeem dat geen risicovolle of gewoonweg criminele speculatie toelaat en geen ‘bail-outs’ van banken “too big to fail” waarvoor uiteindelijk de belastingbetaler opdraait, (3) een werkbaar sociaal vangnet en een faire arbeidsmarkt en (4) een effectieve aanpak van millieuvraagstukken niet bestaanbaar zijn zonder een sterke Europese centrale regering. Dat houdt in een sterke arm die over alle landsgrenzen reikt, een billijk en rechtvaardig rechtssysteem en een regering die verantwoording aflegt over nationale grenzen heen omdat ook vervuiling, terrorisme, slechte financiële regelingen  en andere bedreigingen van het goede leven niet ophouden bij landsgrenzen.

 

Is Verhofstadt tegen de natiestaat? Helemaal niet, hoe meer lokale, kleurrijke gemeenschappen en gebeurtenissen, zelfs op nationaal niveau des te beter. Waar het om gaat is dit:  hoe krijgen we de beschikking over een wendbare, uitvoerbare bestuurlijke organisatie die de problemen aankan die nationale grenzen overstijgen. Het enige antwoord is: meer Europa op relevante domeinen.

 

Goed bestuur op drie verbonden terreinen

Verhoffstadt pleit dus helemaal niet voor een superstaat. Die heb je niet nodig. Wat je nodig hebt is goed bestuur op drie onderling verbonden domeinen: sociale zekerheid en zorg met inbegrip van een goed functionerende arbeidsmarkt, milieubescherming en – het moeilijks van alle en pas recent in gang gezet, de financiële markten en de banken. Daarbij gaat het al helemaal niet om de retoriek in van “macht aan het volk”  of  identificatie met zoiets als “Europa”. Om de controlebehoefte te bevredigen en identificatie mogelijk te maken heb je meer aan lokale praktijken. Natuurlijk moet er parlementaire controle zijn, maar hoe je die regelt is juist een project dat meer Europa nodig heeft in plaats van minder.

 

Hoe krijg je het voor elkaar dat de burger hierin meegaat? Door de voortdurende presentatie van dit Europees ideaal door de nationale regeringen, niets meer en niets minder. Dat vereist moed en doorzettingsvermogen op alle nationale regeringsniveaus zonder een enkele uitzondering en in samenspraak en samenwerking met de gemeenschappen die allang bestaan in de vele stedelijke centra van Europa. Er bestaan al tal van groepen die met gemak te mobiliseren zijn voor deze Europese gedachte. Dat kunnen traditionele politieke partijen zijn, maar ook andere organisaties. Het  moet alleen gebeuren en wel onverwijld. Dat is de boodschap van Verhoffstadt.

 

Verschillen benadrukt

Maar wat is het antwoord van bijvoorbeeld Bernard Naron (PvdA) en Frits Bolkestein (VVD) op dit tamelijk down-to-earth pleidooi voor meer Europa? Beiden benadrukken de enorme verschillen in zogenaamde “cultuur” zonder zich ook maar een moment af te vragen wat cultuur hier nog betekent.

 

Naron wijst erop dat de grote ondernemingen in Europa het meest van de Europese Unie hebben geprofiteerd. Dat was te danken aan goedkope arbeidskrachten, geen geldverlies aan munt transacties en geen handelsbelemmeringen. Maar de gewone mensen werden vergeten, zo redeneert hij. Hij vergeet voor het gemak maar even dat er toch nog steeds grote nationale obstakels zijn die vrij verkeer van goederen, diensten en arbeidskrachten hinderen en dat er nog teveel kortzichtigheid heerst, juist op het niveau van nationaal aangewakkerde sentimenten. Zo wordt nog steeds scheef tegen arbeidsmigratie aangekeken hoezeer ook duidelijk is dat Europa en daarmee de afzonderlijke naties ook historisch groot geworden zijn juist door die migratie. Corruptie, protectionisme en disfunctionele voorzieningen op de arbeidsmarkt plagen nog steeds de naties en kunnen alleen in gezamenlijkheid bestreden worden. Dat vereist meer in plaats van minder Europa.

 

Beperkte hulpbronnen

Ook een hopeloze rem op ontwikkelingen is het voortbestaan van beperkte hulpbronnen in de minder bedeelde naties van Europa. Alleen op Europees niveau afgedwongen maatregelen kunnen hier verbetering aanbrengen. Pas dan ook kan de migratie in goede banen worden geleid. Nu immers vluchten nog teveel mensen weg van huis en haard omdat het elders beter is. Dat zijn toestanden waaraan alleen met meer Europa een halt kan worden toegeroepen.

 

Naron roept Verhofstadt op er een werkelijk Europese agenda op na te houden in plaats van op een superstaat te hameren: meer werk, de 3% norm,  respect voor arbeidsrechtelijke regels, meer samenwerking en regulering op de arbeidsmarkt, maatregelen tegen belastingontwijking, ongelijke beloning etc. etc. Maar ook deze agenda kan alleen met meer Europa worden afgewikkeld.

 

Lobbymacht

Dat geldt ook voor de lobby van de banken in de gangen van het Europese parlement. De lobbymacht kan alleen tegengegaan worden met meer Europa, omdat er nu nog steeds handig van nationale belangen gebruik gemaakt kan worden. De bank balansen kunnen ook alleen met meer Europa gezond worden gemaakt.

 

Bolkestein leeft nog steeds in de tijd van Helmut Kohl, François Mitterand en Bolkestein zelf natuurlijk; dat wil zeggen in de dagen van de beslissing over de Euro. Maar hij was er toen toch voor? Hij wil ons nu doen geloven dat hij de tegenwoordige verwarring en crisis heeft voorzien: twee culturen bleven intact, aan de ene kant de cultuur van financiële soliditeit van het Noorden, aangevoerd door Duitsland en Kohl in het bijzonder die voor een Europese Politieke Unie was, en aan de andere kant de cultuur van solidariteit van het Zuiden met Frankrijk voorop dat in feite alleen maar controle wilde houden op de Europese Centrale Bank. Bolkestein lijkt  bijna eraan te willen toevoegen: om zo bij die bank te kunnen aankloppen evenals de rest van het luie zuiden.

 

Cultuur

Van het zuiden worden Griekenland en Italië door hem bij naam genoemd. Die hadden nooit in de Euro zone toegelaten mogen worden, zo redeneert Bolkestein. Beide vertegenwoordigen een geheel andere economische cultuur: teveel op de pof leven en een arbeidsmoraal die te wensen over laat. Bolkestein voorzag dat allemaal al in 1998, tien jaar voor de crisis toesloeg die het resultaat is van een verregaande vorm van deregulering waar dezelfde Bolkestein natuurlijk nooit bezwaar tegen geeft gemaakt. Over de “cultuur” die dat heeft mogelijk gemaakt bij deze profeet geen woord. Hij vergeet voor het gemak dat deze “cultuur” gewoon zijn gang kon gaan niet vanwege te veel maar juist vanwege te weinig Europa.

 

Wat Bolkestein ook voorzag was dat de 3%-norm geschonden zou worden. Maar dat zoiets alleen kan door te weinig in plaats van te veel Europa komt niet bij hem op. Hij wijst er ook op dat Europese obligaties alleen maar het laissez-faire van het Zuiden aanwakkeren omdat ze in die contreien toch wel gered worden door de zo gewraakte transfer. Maar ook 'dolce far niente', de weigering belasting te innen bij de rijke bovenlaag en corruptie kunnen pas werkelijk bestreden worden door meer Europa.

 

Het trekken van de cultuurkaart is erg gevaarlijk. Er bestaat niet zoiets als een zuidelijke of noordelijke cultuur. Er bestaan alleen bij naam en toenaam te noemen groepen in de elite-regionen van de samenleving die onvoldoende worden bestreden door evenzeer een elite maar dan een die weet wat er  op het spel staat. Dat heeft niets met cultuur te maken. Er zijn uiteraard ook rurale of klein-stedelijke achterstandsgebieden. Maar ook daarop is een massief idee van cultuur niet echt van toepassieng zoals uitvoerig is beargumenteerd in Paul Voestermans en Theo Verheggen, Culture as Embodiment. The social tuning of behavior. (Wiley/Blackwell, 2013).

 

Oplossing

Europa van twee versnellingen en twee munten is geen oplossing. Wat echt werkt is het weerspreken van groepen en gemeenschappen die individuen ondersteunen die zich uitspreken tegen Europa omdat dat hun eigen belangen dient.

Trefwoorden:
Europa

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer