Media
30 december 2013 | door: Anne Coenen, Student Sociaal Werk

Integreer sociale media in sociale hulpverlening

Nu de maatschappij digitaliseert en kinderen en jongeren de druk opvoeren om mee te stappen in deze digitale wereld, voelen hulpverlenende organisaties de noodzaak om zelf ook ‘digitaal’ te gaan.

"Internet en sociale media moeten met de nodige mediawijsheid geïntegreerd worden in het sociaal werk"

De samenleving wordt steeds meer geleid door het internet, het is meer een digitale samenleving geworden. Dan is het ook niet meer dan normaal dat het sociaal werk hierin meegaat. Het is niet mogelijk deze veranderingen te negeren als je mensen, jongeren en kinderen begeleid, want dan kan er een kloof ontstaan tussen de hulpverlening en de samenleving die steeds meer digitaal wordt. Om goed sociaal werk toe te passen, moet de hulpverlener zijn waar de cliënten zich op dat moment bevinden. Een groot deel van de samenleving is op dit moment online, dus hoort de sociaal werker dit ook te zijn.

 

Online hulpverlening is voordelig omdat het zeer laagdrempelig is voor de mensen die ermee in aanraking komen. De toegankelijkheid tot het internet groeit en dit zorgt ervoor dat de internetgebruikers vlot toegang hebben tot informatie en online hulpmiddelen. Je kan het ook altijd raadplegen. Je hoeft je niet te verplaatsen naar een organisatie en het is meestal 7/24 uur beschikbaar.

Anoniem

Online hulpverlening is zo laagdrempelig omdat het ook anoniem kan gebeuren. Dit is een keuze van diegene die contact opneemt met de online hulpverlening. Deze anonimiteit zorgt er ook voor dat mensen sneller het volledige verhaal gaan vertellen. Het is ook een stimulatie van de zelfredzaamheid als de mensen zelf hun tijdsbesteding kunnen bepalen. Online hulpverlening gebeurt via geschreven woorden, zo kan het zijn dat mensen meer kans krijgen tot reflectie, zowel voor de cliënt als voor de hulpverlener. Online hulpverlening kan ervoor zorgen dat de drempel naar andere hulpverlening verlaagd wordt wanneer dit nodig is.

 

Mediawijsheid

Sociaal werk moet aanwezig zijn op het net, maar dit wel op een juiste manier. Hiervoor gebruiken ze hedendaags het woord ‘mediawijsheid’. Natuurlijk houdt het gebruik van het internet ook enkele risico’s in. Dit moet er niet voor zorgen dat we het internet gaan vermijden, maar wel dat we het internet op de juiste manier weten toe te passen als hulpverlener. Deze juiste toepassing van het internet kan behaald worden door in te zetten op je levenslange ontwikkeling als hulpverlener. Je gaat mee met de tijd. Hedendaags zijn er al een deel organisaties die opgestart zijn met opleidingen over mediawijsheid, een voorbeeld hiervan is: ‘Mediatrain’. Ook mag het in de toekomst zeker niet ontbreken in de opleiding ‘Sociaal werk’.

 

Levenslang leren is een competentie die een sociaal werker met zich meedraagt. Dit zorgt er dan ook voor dat een sociaal werker meegaat met de nieuwe ontwikkelingen en zich meer expert maakt in deze ontwikkelingen. Hierboven hebben we het al over de mediawijsheid bij de hulpverleners. Maar als de hulpverleners deze mediawijsheid met zich meedragen en het internet en sociale media gebruiken bij hun cliënten, dan kan de hulpverlener een onrechtstreekse of een rechtstreekse invloed hebben op de cliënten. Zo zorg je ervoor dat de mediawijsheid overvloeit naar de cliënten die het op hun beurt kunnen laten overvloeien naar hun vrienden of ouders of kinderen. Zo kunnen we bereiken dat er op een correcte manier wordt omgegaan met het internet en de sociale media en dit gesteund wordt door sociaal werk.

 

Ik neem dus het standpunt in dat we het internet en de sociale media moeten integreren in het sociaal werk. Dit met de nodige kennis in het achterhoofd dat op zijn beurt kan overgaan naar de cliënten. Zo kunnen we ervoor zorgen dat het sociaal werk meegaat met de nieuwe ontwikkelingen, de hulpverleners de kans krijgen om te ontwikkelen en de cliënten ook via deze weg contact kunnen leggen met het sociaal werk. Indien de sociale media en het internet geïntegreerd zijn binnen het sociaal werk, zorgt dit voor nieuwe perspectieven. Mensen hebben altijd en overal de kans een organisatie te zoeken, hierover informatie op te zoeken en om een hulpvraag te stellen. Ze doen dit op hun tijd en in hun ruimte. Ook geeft dit meer kans tot privacy, omdat ze anoniem een vraag kunnen stellen. Als de hulpverleners voldoende mediawijsheid hebben kunnen ze met deze vraagstelling op een correcte manier omgaan en weten ze ook hoe ze zo een vraag privé kunnen houden. Ook zorgt dit ervoor dat de digitale kloof niet vergroot tussen de samenleving en de hulpverlening. Als de hulpverlening al niet mee is met de samenleving, hoe kunnen we onze cliënten dan nog helpen?

 

Niet meer weg te denken

De sociale media en het internet vermijden in het leven van onze cliënten is geen optie. Het is een deel geworden van de hedendaagse bevolking. Het is niet meer weg te denken uit de samenleving. De enige manier om met het internet en sociale media om te gaan, is hier de nodige kennis over krijgen en deze dan juist toepassen. Zo worden het internet en sociale media behoed voor de risico’s en gebruikt vanuit zijn krachten. Een belangrijke zin die ik eerder al eens heb aangehaald, is: ‘De hulpverlener moet zijn waar de cliënt zich bevindt.’ De cliënten bevinden zich online, dus moeten wij als sociaal werker ons ook online begeven. 

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Anne Coenen, Student Sociaal Werk
Integreer sociale media in sociale hulpverlening - 30 december 2013



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer