Europa
27 oktober 2011 | door: Eelke Blokker, oprichter Instituut voor Publieke Waarden

Maak een kosten-baten-analyse van Griekenland

De Jager kan EU-steun aan burgers legitimeren door aan te tonen dat Griekenland in het verleden al zo veel economisch rendement heeft opgebracht, dat wij het ons met gemak kunnen permitteren.

"Griekenland leverde de afgelopen 100 jaar 360 duizend miljard op."

Geachte Jan Kees de Jager, eminentie,

 

De eurocrisis is bezworen. Mede dankzij uw vastberadenheid en die van premier Rutte. Maar we weten allemaal dat Merkel en Sarkozy de feitelijke lakens uitdelen en u de uitkomsten van hun gesoebat, als waren het uw eigen keuzes, aan ons burgers mag komen verantwoorden. En dat is nogal wat. Eén derde van de Griekse schuld wordt kwijtgescholden. Dat is maarliefst 120 miljard euro. Er wordt nog eens 100 miljard extra aan Griekenland geleend. Bij elkaar 220 miljard, eminentie. Gelukkig heeft u dit scenario allang voorzien, en heeft u reeds haarfijn uitgerekend welke gevolgen die schuldsanering en extra lening heeft op ons nationale huishoudboekje.

 

Maar hoe legt u in hemelsnaam aan de bevolking uit dat uw uitgangspunt dat “Griekenland de leningen met rente aan ons land terugbetaalt” stand houdt? Hoe legitimeert u, kortom, dat de Nederlandse belastingbetaler zijn geld weliswaar niet meer terug krijgt, maar dat het desondanks zeer de moeite waard is geweest? Dat lijkt een duivels probleem. Maar, eminentie, het valt te overzien. U toont gewoon aan dat Griekenland ons in het verleden al zo veel economisch rendement heeft opgebracht, dat wij het ons met gemak kunnen permitteren deze eenmalige kosten te maken. Zo’n state of the art beleidsberedenering noemen we, zoals u als oud ondernemer en minister van financiën zult weten, een ‘maatschappelijke Kosten-Baten Analyse’ (mKBA).

 

Die mKBA’s worden in het publieke domein in toenemende mate gebruikt om opbrengsten van sociaal beleid uit te drukken in geld – en daarmee de kosten van dat beleid te legitimeren – terwijl we weten dat die opbrengsten aan niemand zijn toe te kennen. De kosten ervan zijn wel toe te rekenen; meestal aan de belastingbetaler. In technische zin brengt de mKBA de kosten van bepaald beleid in beeld en doet aannames over de opbrengsten ervan. En vergelijkt dat vervolgens met aannames over opbrengsten en kosten als dat beleid er niet was geweest: het ‘nulalternatief’.

 

Volgens dit nieuwste beleidsinstrument werd ons voorgerekend dat één geïnvesteerde euro in het moderne daklozenbeleid de samenleving meer dan twee euro oplevert. De aanpak van multiprobleemgezinnen in Den Haag levert onder de streep 1,8 miljoen op. De Kwaliteitsimpuls Hoger Onderwijs brengt ons 2,4 miljard. En voor iedere euro die gemeenten in schuldhulpverlening stoppen krijgen we er twee weer terug. Het kan niet anders of we worden steenrijk van al dat sociaal beleid. En toch is dat niet zo. De baten in mKBA’s worden weliswaar in geld uitgedrukt, maar gaan eigenlijk over criminaliteit die nooit heeft plaatsgevonden, gezondheidswinst of kwaliteit van leven. Waarden die niet in geld zijn uit te betalen.

 

Maar wat helpt die mKBA mij om die 170 miljard aan het volk te verantwoorden?, hoor ik u denken. Daar gaan we, eminentie. Hebben we aan die Grieken niet een belangrijk deel van onze beschaving te danken? Een beschaving die het fundament is van onze welvaart. Denk aan zaken als de Griekse rechtsfilosofie. De democratie. Filosofie. Het leger. De natuurwetenschappen en geneeskunde. Allemaal bepalend voor de welvaart van onze hedendaagse samenleving.

 

We kunnen met een gerust hart aannemen en verklaren dat we een groot deel van onze welvaart te danken hebben aan de beschaving die is gebaseerd op het denkwerk en de sociale experimenten van de Oude Grieken. Maar wat is dat Griekse aandeel in onze welvaart waard? Welvaart drukken we uit in het BNP. Laten we aannemen dat we tien procent van onze huidige beschaving, en daarmee tien procent van onze welvaart, te danken hebben aan de Grieken. Tegelijk nemen we aan dat we, zonder het fundament dat de Grieken voor onze beschaving legden, nooit verder zouden zijn gekomen dan de beschaving zoals die in het jaar één na Chr. was met dito BNP. Het jaar één is ons ‘nulalternatief’.

 

Als we van alle West-Europese landen het BNP van alleen de afgelopen honderd jaar – van 1911 tot 2011 – bij elkaar optellen, dan komen we op een gezamenlijke welvaart van ongeveer 360 duizend miljard euro. Als we in diezelfde periode van honderd jaar het BNP van het jaar één hadden geproduceerd – het nulalternatief – dan zou de waarde van onze welvaart in totaal 0,0014 miljard zijn geweest. Het rendement van onze beschaving is dus 257 miljoen procent, en vertegenwoordigt een bedrag van afgerond 360 duizend miljard euro. Eén tiende daarvan hebben we aan de Grieken te danken. Conclusie: de Grieken hebben West-Europa alleen al de afgelopen honderd jaar 36 duizend miljard opgeleverd. Als je het zo bekijkt is 170 miljard opeens een schijntje.

 

Het is verstandig als u het nog eens laat narekenen, eminentie. Maar als u het gelijk aan uw zijde wilt, en het volk tevreden, dan biedt het nieuwste beleidspanacee mKBA uitkomst. Niets legitimeert daadkrachtiger en duidelijker dan een flinke, doorwrochte rekensom waar onderaan de streep valuta prijken. En maakt u zich geen zorgen dat u de opbrengsten die u voorrekent, aan wie dan ook moet uitbetalen. Dat kan helemaal niet.

Trefwoorden:
EuropaEconomie

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Eelke Blokker, oprichter Instituut voor Publieke Waarden
Maak een kosten-baten-analyse van Griekenland - 27 oktober 2011



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer