Gezondheid
22 januari 2014 | door: Andrea Walraven-Thissen, Geestelijk verzorger & crisis interventionist

Minder betutteling in de ouderenzorg, maar meer ondersteuning graag

Respecteer de zelfredzaamheid van de ouderen en stem de ouderenzorg af op hun zorgvraag. Pleidooi voor een coachende vorm van zorgbegeleiding.

"Van wie komt die zorgvraag in de ouderenzorg; van ons, als maatschappij, of van de oudere zelf?"

Ze reikte mij, met een bibberende hand, haar autosleutels aan. Toen ik haar, na een bijeenkomst, in de ogen had gekeken, had mijn intuïtie alarm geslagen.

Ik nam haar mee voor een ongepland gesprek. Zij, een hoogbejaarde, welgestelde dame, die nog volledig zelfstandig door het leven ging, wilde dat ik haar autosleutels overnam, omdat ze zichzelf niet vertrouwde. Sterker nog; ze had al precies bedacht op welke plek op de snelweg ze het beste gas kon geven om vervolgens in volle vaart van het viaduct af te rijden. Vandaag zou ze niet meer thuiskomen.

 

Ze is niet de enige; steeds meer ouderen zien het leven niet meer zitten. Dat is voor mij onacceptabel.

 

Vroeger was ik, als verpleegkundige, werkzaam in de zorg. Ik specialiseerde mij in de psychiatrie en in de zorg voor gecompliceerde wonden(een vreemde combinatie,  maar voor mij volstrekt logisch). Inmiddels zie en verzorg ik, als therapeutisch geestelijk verzorger, wonden van de ziel. Velen gaven, in allerlei media, al hun mening over de zorg. Maar wat verstaan we eigenlijk onder zorg, onder ouderenzorg?

 

In de therapeutische praktijk krijg ik vooral te maken met twee kwetsbare doelgroepen, die mijn ondersteuning nodig hebben; kinderen/ families in een (v)echtscheiding en ouderen.

 

Voor de eerste groep is er een heleboel ondersteuning en literatuur te vinden. Bovendien staat het internet vol met allerlei opvoedingsadviezen. En als maatschappij vinden we het niet meer dan logisch, dat kinderen in moeilijke situaties ondersteuning krijgen.

 

In de kinderschoenen

De ondersteuning en begeleiding van ouderen staan nog in de kinderschoenen. We kennen inmiddels de geriater. Maar zelfs in het nieuwe handboek van psychiatrische diagnostiek (de DSM 5), waar ziektebeelden aan de hand van levensfasen wordt opgesomd, ontbreekt de afdeling "ouderen".

 

Ik heb grote bewondering voor organisaties als het ouderenfonds, betaald uit giften. Het is echter zorgwekkend dat we niet meer zonder hun ondersteuning kunnen.

 

Gedurende de afgelopen decennia is onze levensverwachtig dermate gestegen, dat we te maken hebben met een hele nieuwe generatie; de mensen, die een zeer hoge leeftijd bereiken. De politiek heeft het ook in de gaten en probeert middels allerlei hervormingen de snelkookpan van de stijgende zorgkosten te ontluchten.

 

Het is een feit dat er steeds meer ouderen zijn en het is een feit dat deze mensen veel zorg nodig hebben. Maar waaruit moet die zorg dan bestaan?

 

Gezond houden van het lichaam

Natuurlijk ben ik voor kwalitatief hoogwaardige zorg. De vooruitgang is ongekend, maar soms wordt de ethische kant van de zorg onderbelicht. Als verpleegkundige heb ik mij er regelmatig aan gestoord dat wij, als maatschappij, hele hoge eisen stellen aan de fysieke toestand van de oudere; er wordt heel veel geld besteed aan het gezond houden van het lichaam; een leven moet verlengd worden, maar tegen welke prijs? Is een langer leven een gelukkiger leven? Rookt iemand, dan willen we dat hij of zij daarmee stopt en is iemand te dik of te dun, dan zorgen we ervoor dat zijn of haar BMI op orde komt. Agressie en depressie worden vaak behandeld met medicatie. Het plassen en poepen van onze oudere medemensen weten we ook met pillen en drankjes te reguleren, terwijl de voedsel- en vochtintake op mooie lijsten worden bijgehouden. Er moet voldoende geslapen worden en, oh, ook heel belangrijk, iemand moet altijd fris ruiken; een minimum aantal douchebeurten is vereist. De omgeving moet steriel, veilig, opgeruimd en georganiseerd zijn.

 

Deze kwaliteitsstandaard is door ons bedacht en ingevoerd, niet door de oudere, die wellicht, als hij het echt voor het zeggen had, heel andere keuzes zou maken.

  

In de zielzorg zie ik dat ons systeem van opgelegde normen en waarden niet past bij de echte zorgbehoefte van de oudere. In een “time-is- money”-maatschappij, die onophoudelijk doorraast, vergeten we de tijd te nemen voor degenen die dit tempo niet kunnen en willen bijbenen.

 

We walsen over de normen en waarden van de oudere heen, wanneer we hem of haar de onze opleggen.

 

Heel veel eenzaamheid

Mensen op hoge leeftijd krijgen niet alleen te maken met een ouder wordend lichaam. Nadat het werkzame leven is afgesloten en de kinderen volwassen en vertrokken zijn, is het niet altijd eenvoudig om doelen in het leven te stellen. Relaties veranderen en dierbare mensen vallen weg. Men voelt zich regelmatig tot last van de maatschappij en er is heel veel eenzaamheid, onder ouderen.

 

Eenzaam ben je niet altijd alleen, eenzaam kun je ook samen zijn, wanneer de communicatie vervaagt en onbegrip en irritatie voor spanningen zorgen.

 

Vaak wordt er verlichting gezocht in alcohol- of medicatiegebruik.

 

Ik denk dat dit een hele belangrijke factor is in de explosieve toename van het aantal complicaties, dat we zien; zelfdoding en doodslag/moord komen, in tegenstelling tot wat we vaak denken, zeer vaak voor bij ouderen. Zeer regelmatig wordt dit niet herkend en erkend.

 

Participatiesamenleving

Hoe ziet ouderenzorg er voor mij uit? Mijn doel is het de oudere te begeleiden in de zoektocht naar zingeving, naar een nieuwe invulling van de oude dag. Met respect voor zijn of haar senioriteit en persoonlijk waardensysteem.

 

Wat dat betreft had meneer Rutte best een goed idee; de participatiesamenleving.

Ik neem de uitdaging graag aan; hoe kan de oudere in onze maatschappij participeren?

Waar kan de schat aan levenservaring bijdragen tot een zinvolle dagbesteding?

Let wel; zinvol vanuit de optiek van de oudere, niet vanuit die van mij.

Hoe kan de oudere de dag beginnen met een doel en afsluiten met een voldaan gevoel?

 

Het mooie is, dat het werk dat ik doe mij laat delen in de enorme levenswijsheid van de oudere.

Eenieder heeft zijn of haar unieke verhaal, met unieke ervaringen en geleerde levenslessen.

Deze levenslessen probeer ik vervolgens te integreren in het werk dat ik doe met jonge mensen.

Zo ontstaan er nieuwe verbindingen tussen jong en oud.

Een biografie leidt tot een levensadvies, een ervaring van lang geleden tot een spreekbeurt in het heden. Het zijn maar een paar voorbeelden.

  

Zorgvraag

Zorg hoort te zijn afgestemd op een zorgvraag. Van wie komt die zorgvraag; van ons, als maatschappij of van de oudere zelf? We zullen in de toekomst, in toenemende mate, te maken krijgen met gecompliceerde medische en psychische problemen, die de ouderdom met zich meebrengt.

 

Nu bepalen wij, als hardlopers van de wereld, hoe de ouderenzorg er concreet moet uitzien. Vaak op een zeer betuttelende manier. Tegelijkertijd gaan we voorbij aan een enorme rijkdom aan kennis, bij oudere medemensen. Zij hebben onze maatschappij opgebouwd. Onze vrijheid, onze welvaart. Dat verdient respect.

 

Iedere oudere verdient ondersteuning bij het vinden van zijn of haar “mission statement”; waar is mijn plek in deze wereld en hoe moet het leven er voor mij uitzien om zinvol en van hoge kwaliteit te zijn? Pas dan is het tijd voor de concrete invulling van dat persoonlijke plan, al dan niet met ondersteuning in de vorm van zorg.

 

Het is een coachende vorm van zorgbegeleiding, waarin de zelfredzaamheid van de oudere wordt gerespecteerd.

  

Idealistisch?

Ik realiseer me dat het een idealistische visie is, die ik beschrijf. Maar tegelijkertijd zie ik, in de praktijk, dat het werkt. En dat de mensen, die met een plan en een doel door het leven gaan, concreet minder zorg nodig hebben en langer gezond blijven. Zeker voor geestelijke vermogens geldt; use it or lose it!

 

De mevrouw uit de inleiding en ik zijn inmiddels al vele jaren verder. En ze is nog lang niet klaar met het nastreven van haar persoonlijke doelstellingen.

Deel

met uw netwerk:


Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer