Europa
8 december 2011 | door: Predrag Vitković, Oost-Europakundige en vertegenwoordigt de Servische gemeenschap in het Landelijk Overleg Minderheden.

Kandidaat-lidmaatschap EU lijkt doel op zich voor Servische elite

Morgen weten we of de Europese Raad akkoord gaat met het kandidaat-lidmaatschap van Servië. Aan president Tadic ligt het niet, want die is aan vrijwel alle dictaten uit Brussel tegemoet gekomen.

"In ruil voor capitulatie ten aanzien van Kosovo krijgt president Tadic een EU-worst voorgehouden"

Wie de Wikileaks-documenten over Servië heeft gelezen, weet wat commentatoren en
insiders al jaren wisten: in het Servië van president Boris Tadic maakt de Amerikaanse ambassadeur in Belgrado de dienst uit. Onomwonden is beschreven hoe de afgelopen drie jaar de Servische president Boris Tadic en de regering onder aanvoering van
premier Mirko Cvetkovic zonder enige vorm van eigenwaarde het politieke wensenlijstje van de Verenigde Staten als hun eigen beleid hebben omarmd. Persoonlijk kreeg ik nog voor de tweede ronde van de presidentsverkiezingen begin 2008 van Nederlandse diplomaten te horen dat de met het Westen gecoördineerde onafhankelijkheidsverklaring van de Kosovo-Albanezen een feit zou zijn na de herverkiezing van Boris Tadic. En zo geschiedde.

 

In drie jaar tijd heeft de EU, met uitzondering van Spanje, Slowakije, Roemenië, Cyprus en Griekenland (die Kosovo niet erkennen), er alles aan gedaan om de illegale afscheiding van de Servische provincie door de strot van Servië te duwen. Veel was daar niet voor nodig, daar de Servische president Tadic en de door zijn Democratische Partij geleide regering hun politieke voortbestaan aan het toenaderingsproces van Servië tot de EU hebben gekoppeld. Lidmaatschap van de EU had en heeft voor Tadic geen alternatief, hetgeen betekent dat hij zich in de afgelopen jaren chantabel heeft gemaakt voor druk van buitenaf, met name uit Washington, Brussel en Berlijn. Iedere eis om de ‘realiteit in Kosovo’ onder ogen te zien, ging gepaard met verdere concessies uit Belgrado, tegen VN-Veiligheidsraadresolutie 1244 en de eigen grondwet in.

 

Militaire confrontatie

De politieke druk is deze zomer opgevoerd toen op 25 juli met de goedkeuring van Uncle Sam Kosovaarse politie-eenheden de VN-gecontroleerde administratieve overgangen met Centraal Servië hadden overgenomen. Ze kregen daarbij steun van de door de NAVO-geleide VN-troepenmacht Kfor en EU-missie Eulex, die beiden hun neutrale mandaat ten aanzien van de status van de Servische provincie hebben laten varen. Kfor heeft in Noord-Kosovo thans de militaire confrontatie opgezocht met vreedzaam demonstrerende Servische burgers, die wegblokkades hebben opgeworpen omdat ze niet afgescheiden willen worden van Centraal Servië. Duidelijk is dat Kfor thans doorgaat daar waar de NAVO-agressie in 1999 begon: de verwezenlijking van de illegale staat Kosovo moet worden volbracht.

 

Sindsdien heeft Borislav Stefanovic, de door Tadic benoemde onderhandelaar die buiten het Servische parlement om afspraken met Brussel en Pristina gemaakt heeft waarvan het fijne nog niet boven tafel is, zowat aan alle separatistische eisen uit Pristina toegegeven: overdracht van gewaarmerkte registers van de burgerlijke stand en kadasterbescheiden, erkenning van Kosovaarse diploma’s, identiteitsdocumenten, kentekenplaten en instemming met het vrije verkeer van personen en goederen.

 

Aan de vooravond van de Europese Raad heeft Brussel de druk echter opgevoerd. De autoriteiten in Belgrado moeten het “geïntegreerde bestuur van de grens tussen Servië en Kosovo” ondersteunen, de barricades ontmantelen en daarmee impliciet instemmen met de afscheiding van de Servische provincie. Nu onderhandelaar Stefanovic hiermee akkoord is gegaan zullen weinigen in Brussel onder de indruk zijn van de woorden van de Servische president die, parallel aan deze schending van de soevereiniteit en territoriale integriteit van Servië, voor de binnenlandse publieke opinie blijft herhalen dat ‘Servië Kosovo nooit zal erkennen’.    

 

Angela Merkel

De vraag is echter of Serviës schaamteloze en ongrondwettelijke tegemoetkoming aan de dictaten uit Brussel en Washington op termijn houdbaar zullen zijn. Ze zijn afgedwongen en aanvaard door een politieke elite in Belgrado die, in aanloop naar de parlementsverkiezingen van 2012, met het kandidaat-lidmaatschap van de EU probeert te overleven. Van een kandidatuur kan men in Servië echter niet eten. Er gaan geen nieuwe fondsen open en er zal in economische zin weinig investeringen uit de EU komen, nu de EU zelf met gigantische problemen kampt. In ruil voor capitulatie ten aanzien van Kosovo krijgt Tadic een EU-worst voorgehouden, is dan ook een veel gehoord geluid in Servië.

 

Zeker nu bondskanselier Angela Merkel, als blijk van de huidige dominantie van Duitsland binnen de EU, afgelopen maandag een nieuwe eis voor het kandidaat-lidmaatschap van Servië heeft opgeworpen, is de onvrede in de publieke opinie alleen maar toegenomen. Duitsland eist nu dat Servië de opstandelingen in Kosovo toegang biedt tot de regionale samenwerkingsverbanden onder een naamgeving waar Priština mee kan leven. Tot op heden was de Servische provincie, in regel met VN-resolutie 1244, onder de naam UNMIK-Kosovo vertegenwoordigd, maar daar willen de Albanezen zo snel mogelijk van af. Het herinnert ze aan het feit dat Kosovo volkenrechtelijk gezien nog steeds een onderdeel is van Servië. En nog steeds geen VN-lid, de erkenning door alle NAVO-grootmachten ten spijt.

 

Dubbele maatstaven

De kans bestaat dat de autoriteiten in Belgrado, conform de nietsverhullende Wikileaks-typeringen, zonder enige waardigheid en zelfrespect ook aan de nieuwste Duitse eis zullen voldoen. Dit betekent echter niet dat Servië morgen tijdens de Europese Raad tot kandidaat-lid wordt benoemd. Oostenrijk heeft al voorgesteld om een “tijdelijk of voorwaardelijk lidmaatschap” toe te kennen. Of er wordt besloten om het besluit uit te stellen, in afwachting van nieuwe consessies door Belgado. Los daarvan zal sowieso geen datum worden genoemd waarop de toetredingsonderhandelingen kunnen beginnen. Misschien beginnen ze wel in 2030, onder voorwaarde dat de EU en Servië dan nog bestaan, zeggen cynici. Hoe het ook zij, het moge duidelijk zijn dat de Brusselse buitenlandpolitiek doordrenkt is van dubbele maatstaven en machtspolitiek, waartegen kleine landen en volkeren aan de periferie van de EU weinig kunnen stellen.

 

Resumerend vraag ik me af of je als ongelijkwaardige partner wel wilt behoren tot een Europese familie die in morele en economische zin aan de rand van de afgrond staat. Neutraliteit van Servië en een politieke en economische samenwerking met de EU op gelijkwaardige voet, waarbij Belgrado rekening houdt met de eigen nationale belangen, zijn een alternatief voor de eenzijdige liefdesverklaring aan Brussel, maar de EU-dogmatici in Belgrado zullen daar weinig boodschap aan hebben. Voor hen is de mantra ‘er is geen alternatief voor EU-lidmaatschap’ een kwestie van politiek overleven. Ze dreigen nu al dat zonder hen de zondvloed in Servië zal aanbreken. Terwijl ik nou juist geneigd ben te zeggen dat ook zij - ook vanuit EU-optiek - vervangbaar zijn.

Trefwoorden:
Europa

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Predrag Vitković, Oost-Europakundige en vertegenwoordigt de Servische gemeenschap in het Landelijk Overleg Minderheden.



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 17
Begin elke alinea scherp
> Meer