Media
9 januari 2015 | door: Ruud Broekhuizen, Journalist

Een journalist moet altijd voorzichtig zijn

Na de aanslag in Parijs bedenken veel journalisten zich 2 keer voor ze iets publiceren dat kwetsend kan zijn. Waarom deden ze dat daarvoor dan niet? Je moet er altijd op letten of je anderen kwetst.

"Juist een goede journalist zorgt ervoor dat hij mensen niet kwetst"

Voor een radio-interview belde ik ooit met Pim Fortuyn. Al na een paar minuten begon hij mij uit te schelden. Hij vond mijn vragen debiel. Ik was als journalist een debiel. En hij hing op. De man van het vrije woord. De man van ‘ik zeg wat ik denk en doe wat ik zeg’. Die slogan kunnen we aanvullen met ‘en ik luister niet altijd naar de ander’. Want ik had hem namelijk graag willen uitleggen waarom mijn vragen niet debiel waren. En dat ik niet debiel ben. Maar daar kreeg ik de kans niet voor. Hij was niet geïnteresseerd.

 

Bagger

Als journalist krijg je veel over je heen. Ik ben bedreigd door mensen omdat ik in een televisie-uitzending een pedofiel aan het woord liet. Door katholieken ben ik voor rotte vis uitgemaakt –en erger- als het onderwerp seksueel misbruik in de kerk werd besproken. Directe collega’s van mij hebben een taart in hun gezicht gekregen, zijn bedreigd door woonwagenbewoners of hebben een uitzendstudio moeten verlaten omdat er een bommelding was bij een uitzending over de Hells Angels.

 

Via twitter, email en facebook krijgen wij als makers zo veel bagger aan meningen en verwensingen over ons heen dat je er de Goudse grachten mee kunt dempen.

Maar alle uitzendingen zijn gewoon gemaakt. Mijn collega’s en ik zijn doorgegaan met ons werk. Misschien nog wel meer overtuigd dan voorheen dat ons werk belangrijk is.

Wij zijn niet bang.

 

Voorzichtig

En na de aanslag in Parijs?

Ook niet.

Wij zullen doorgaan met verhalen vertellen. Naar meningen vragen. Met opinies weergeven. Door vragen te stellen. Door niet één mening te laten horen, maar alle meningen. En door te luisteren. Vooral dat.

Sommige journalisten en opiniemakers hoorde ik na de aanslag zeggen dat ze nu voorzichtiger worden.

Mijn vraag aan hen is ‘waarom waren jullie dat nog niet?’

En voor de duidelijkheid: met voorzichtig bedoel ik niet voorzichtig in wat je denkt of wat je vindt. In wat je mening is. Maar voorzichtig in hoe je het opschrijft of uitzendt. Waarom zou je geen rekening houden met hoe de boodschap bij anderen aankomt? Dat is nu juist de kwaliteit van goede journalisten: je boodschap op de juiste manier overbrengen. En een boodschap overbrengen terwijl je andere mensen kwetst heeft volgens mij nog nooit tot iets goeds geleid. Want satire is geen satire als er niet om gelachen wordt. Dan is het gewoon een mening. Satire is geen satire als het alleen bedoeld is om te kwetsen. Dan is het gewoon een vervelende tekening.

 

Theo van Gogh

Die ene keer dat ik Theo van Gogh ontmoette was hij geïnteresseerd in wat ik deed en in wat ik vond. Hij luisterde, stelde vragen en gaf zijn eigen opinie. Na afloop vond ik hem oprecht een aardige vent. Bovendien een goed interviewer en een goede filmmaker. Maar in zijn columns vond ik hem afschuwelijk. Hij was er doelbewust op uit om mensen of bevolkingsgroepen te kwetsen. Het doel ervan begrijp ik niet. Het middel verafschuw ik.

Ik hoorde een Fransman na de aanslag in Parijs zeggen: ‘We moeten alles tegen elkaar kunnen zeggen want een mening is geen wapen’.

In vind van wel.

Iemand met een mening doelbewust kwetsen is een wapen. Geen dodelijk wapen, maar mensen geestelijk pijn doen, ook nog opzettelijk, is een manier van met elkaar omgaan die niet de mijne is. Niet mijn beschaving.

 

Terrorisme

Zwicht ik als journalist daarmee voor terrorisme? Zeker niet.

Keur ik het geweld goed? Nee. Absoluut niet. Integendeel.

Want in geweld zitten geen argumenten. Geweld is zonder woorden. Geweld is geen visie. Geweld is geen antwoord. Niet eens een vraag. Geweld is niet om aan te horen.

Geweld is de reactie op angst voor de ander.

En je moet nooit bang zijn voor de ander.

Je moet luisteren naar de ander.

En als je als journalist goed luistert, dan kun je de goede vragen stellen. De goede opinies weergeven, een onderwerp van alle kanten belichten. Zodat de krantenlezers, tv-kijkers en radioluisteraars al die meningen kunnen horen. En hopelijk –als ook die lezers, kijkers en luisteraars zelf óók goed luisteren- de mensen beter begrijpen.

En dan niet meteen via de sociale media de journalist of zijn gast voor van alles en nog wat uitmaken. Dan heb je meestal niet goed geluisterd. Dan roep je alleen maar. En wie alleen maar roept, wordt steeds minder begrepen.

 

Interesse

Deze week begint op de school van mijn dochter een project communicatie. Ik ga tijdens die weken samen met de kinderen een radioprogramma maken. Ik ga ze onder andere leren interviewen. Niet zozeer om ze te leren vragen te stellen. Ik ga ze vooral leren om te luisteren. Luisteren naar het antwoord. Luisteren naar wat anderen te vertellen hebben. Interesse tonen in de ander.

Laten we vooral geïnteresseerd blijven in elkaar.

Als journalist voor zijn geïnterviewde. Als tv-kijker voor de mening van een ander. Als mens voor iedereen om ons heen.

 

Stilte

Het meest angstaanjagende beeld in Parijs was het beeld van de politieman die in koelen bloede op straat werd neergeschoten. Een beeld waar ik letterlijk stil van werd. Laten we die stilte gebruiken om beter te luisteren. Om interesse te tonen in de ander.

 

In stilte zit de gedachte van de ander

In stilte hoor je de woorden het best

In stilte weet je wat de ander beweegt

In stilte voel je waar de ander stil bij staat

 

In stilte zit het begrip

In stilte zetelt de hoop

 

In stilte zijn er geen kogels.

 

Ruud Broekhuizen is journalist bij KRO-NCRV en tevens Stadsdichter van Gouda. Deze tekst sprak hij uit tijdens een bijeenkomst in Gouda, ter nagedachtenis van de slachtoffers in Parijs. De tekst is op persoonlijke titel.

Trefwoorden:
MediaDebat

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Ruud Broekhuizen, Journalist
Een journalist moet altijd voorzichtig zijn - 9 januari 2015



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Alleen nog verkrijgbaar via bol.com


Schrijftip van de week

Week 50
Practice what you preach
> Meer