Europa
28 december 2011 | door: Manuela Dhane, Student Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam

Het Verdrag van Lissabon holt de democratie uit

Het Verdrag van Lissabon is geen gewoon verdrag dat is gesloten tussen staten. Het Verdrag van Lissabon is een nieuwe grondwet die boven de Nederlandse grondwet staat.

"Het Verdrag van Lissabon is niet democratisch tot stand gekomen; het is de Europese Grondwet in een nieuw jasje."

Juridisch gezien is het Verdrag van Lissabon nagenoeg een exacte kopie van de in 2005 (door 62 procent van de Nederlanders, 55 procent van de Fransen en 53 procent van de Ieren) verworpen Europese Grondwet. Van de 448 artikelen van de Europese Grondwet zijn slechts 6 artikelen niet in het EU of EU-Werkingsverdrag opgenomen. De belangrijkste verschillen tussen de Europese Grondwet en het Verdrag van Lissabon moeten gezocht worden in de vorm, de ‘constitutionele’ terminologie, de symbolen van de Unie (vlag en volkslied) en de voorrang van het Unierecht. Deze verschillen betreffen slechts bijzaken. De hoofdzaak, de inhoud van het Verdrag van Lissabon is door deze verschillen niet wezenlijk veranderd.[1]

 

Regeringsleiders en politici presenteerden de ‘gedeconstitutionaliseerde’ tekst van het Verdrag van Lissabon als een compleet vernieuwde tekst, die wezenlijk zou verschillen van de ‘constitutionele’ tekst van de Europese Grondwet. Dit trucje moest voorkomen dat het Verdrag van Lissabon via een referendum aan de bevolking van de betrokken lidstaten nogmaals van tafel zou worden geveegd. Of dit trucje legitiem is of niet, is een politieke kwestie.

 

Referendum

Op grond van artikel 48 lid 4 EU herzieningsprocedure, treedt een verdrag (of verdragswijziging) inwerking nadat alle lidstaten het overeenkomstig hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen bekrachtigd hebben. Zo kan op grond van de Ierse wet alleen bekrachtigd worden op basis van een referendum.

In 2005 is, hoewel niet voorgeschreven in de Nederlandse en Franse grondwet, ook in Nederland en Frankrijk een referendum gehouden over de Europese Grondwet.

In 2008 zijn de Nederlandse burgers buitenspel gezet door de Raad van State. Er werd geen nieuw referendum gehouden betreffende de bekrachtiging van het Verdrag van Lissabon. Volgens de Raad van State was een nieuw referendum niet noodzakelijk, nu het om een ‘gewoon verdrag’ ging.  Door haar metamorfose van Grondwet naar Verdrag was het van haar grondrechtelijk karakter verlost, en kon de gewone wetgevingsprocedure worden gevolgd: ratificatie na goedkeuring door de Tweede Kamer gevolgd door goedkeuring van de Eerste Kamer.

 

Op basis van de Nederlandse Grondwet is het alleen mogelijk om niet-bindende referenda te houden. Voor het houden van een bindend referendum is een grondwetswijziging nodig. Dit probleem is echter eenvoudig op te lossen, zo bleek bij het referendum over de Europese Grondwet. Het merendeel van de politieke partijen had toen voor het houden van het referendum toegezegd, de kiezers te zullen volgen in hun oordeel.  Bij het Verdrag van Lissabon is de kiezer bewust niet om zijn stem gevraagd.

 

Uiteindelijk werd alleen in Ierland een referendum gehouden. In alle andere lidstaten vond men een referendum na de omdoping overbodig. In een aantal van die lidstaten was het noodzakelijk de nationale grondwet aan te passen, alvorens het verdrag goedgekeurd kon worden.[2]

 

Lissabon Urteil

Zo heeft het Duitse constitutionele hof in zijn Lissabon Urteil van 2009 de bij het Verdrag van Lissabon verruimde strekking van het flexibiliteitartikel : 352 lid 1 Wv, met grote argwaan bejegend. Dit artikel strekt ertoe, lacunes in de bevoegdheden aan te vullen wanneer bevoegdheden noodzakelijk blijken om de Unie in staat te stellen haar doelstellingen te verwezenlijken.[3] Het Duitse constitutionele hof heeft opdracht gegeven aan het Duitse parlement om elk besluit van de Raad op basis van dit artikel te onderwerpen aan een eigen goedkeuringsprocedure, op straffe van mogelijke onverbindendheid van het besluit in Duitsland.[4]

 

Het Duitse constitutionele hof gaat nog een stapje verder in zijn ‘Urteil’. De Europese Unie zou geen representatieve democratie zijn:

 

‘Gemeten naar de eisen in een constitutionele staat mist de Europese Unie, zelfs na de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon, een politiek besluitvormingsorgaan dat tot stand is gekomen bij een gelijke verkiezing door alle burgers van de Unie en dat in staat is om eenvormig de wil van het volk te vertegenwoordigen.’[5]

 

De uitspraak van het Duitse constitutionele hof heeft ook in andere lidstaten tot discussie geleid, en heeft de twijfels over de democratische totstandkoming van het Verdrag van Lissabon aangewakkerd.

 

Slagvaardiger

Het Verdrag van Lissabon is de Europese Grondwet in een nieuw jasje, dat na een hervormingsproces van zeven jaar de Europese Unie slagvaardiger moet maken. Bij de totstandkoming van het Verdrag werd al duidelijk, dat de mening van de burgers de slagvaardigheid belemmerd, en referenda daarom niet welkom zijn. 

Terwijl Europarlementariërs twee keer zoveel te zeggen krijgen door de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon, vindt er een uitholling van de Nederlandse democratie plaats. Zo krijgt het Europees Parlement op 19 terreinen meer invloed, zonder dat de nationale parlementen macht inleveren. Op 49 terreinen krijgt het Europees Parlement iets meer invloed, maar leveren de nationale parlementen véél macht in. De inspraak van de kiezers neemt significant af.  Het Europees Parlement heeft maar bij één procent van alle Europese wetgeving  evenveel inspraak als de lidstaten in de Raad.[6] Bovendien worden de meeste Europese regels behind the scenes bepaald, door niet democratisch gekozen ambtenaren: COREPER: consensus op ambtelijk (ambassadeurs-) niveau.[7]

 

Geconcludeerd kan worden dat het Verdrag van Lissabon, niet democratisch tot stand is gekomen, de Nederlandse democratie uitholt en dus de Europese Grondwet in een nieuw jasje is.

 

 

 

[1]R. Barents, Het Verdrag van Lissabon: achtergronden en commentaar, Deventer: Kluwer 2008.

[2]Totstandkoming Verdrag van Lissabon, ‘Verwijzen naar elektronische bronnen’, ().

[3]W.T. Eijsbouts, J.H. Jans, L.A.J. Senden & A. Prechal, Europees Recht Algemeen Deel, Groningen: Europa Law Publishing 2010.

[4]Zaak 2 BvE 2/08, (Lissabon Urteil) par. 328.

[5]Zaak 2 BvE 2/08, (Lissabon Urteil) par. 280.

[6]J.P. Bonde, From Constitution to Lisbon Treaty, ‘Verwijzen naar elektronische bronnen’, (;gratis te downloaden ).

[7]W.T. Eijsbouts, J.H. Jans, L.A.J. Senden & A. Prechal, Europees Recht Algemeen Deel, Groningen: Europa Law Publishing 2010.

 

 

Trefwoorden:
Europa

Deel

met uw netwerk:
Opiniestukken van: Manuela Dhane, Student Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam
Het Verdrag van Lissabon holt de democratie uit - 28 december 2011



Meer opiniestukken:

Bestel online:

Zo wordt u opiniemaker

In dit boek leert u in tien stappen denken en schrijven als een journalist

 

Nu 50% korting: 9,95 euro incl bezorging!